Windpark Ondersloot
Kosten, opbrengsten & rendement
Wat kost Windpark Ondersloot, wat kan het financieel opleveren en waar komen de opbrengsten terecht?
Vijf begrippen die niet hetzelfde zijn
In discussies over windenergie lopen economische begrippen vaak door elkaar. Op deze pagina houden wij ze uit elkaar:
- A. De businesscase van het windpark. De bedrijfseconomische rekensom van investering, kosten en inkomsten van de exploitant.
- B. Het rendement voor eigenaar en investeerders. Wat de partijen die geld inleggen aan hun inleg overhouden.
- C. Financiële opbrengsten voor lokale partijen. Grondvergoedingen, lokaal eigendom, een omgevingsfonds of andere afspraken met de omgeving.
- D. Publieke ondersteuning. Regelingen zoals SDE++ waarmee de overheid het onrendabele deel van duurzame productie kan afdekken.
- E. Maatschappelijke kosten en baten. De bredere balans voor Ommen en omgeving, inclusief effecten die niet in de boekhouding van het windpark staan.
Een bedrijfseconomisch rendabel windpark betekent niet automatisch dat de maatschappelijke kosten-batenbalans voor Ommen en de omgeving is vastgesteld. Omgekeerd kunnen er maatschappelijke baten zijn die niet als inkomsten op de winst-en- verliesrekening van het windpark verschijnen.
Hoe wij cijfers labelen
Op deze pagina onderscheiden wij consequent: Ondersloot-projectgegeven (een gecontroleerd feit over dit project), Nederlandse referentiewaarde (een algemeen kengetal voor wind op land), beleids-/regelinggegeven (een regel of norm), scenario (een aanname) en nog onbekend. Een referentiewaarde is nadrukkelijk geen cijfer van Windpark Ondersloot.
Wat kost Windpark Ondersloot?
Wat is bekend?
De investeringssom van Windpark Ondersloot is niet openbaar bekend. Wij hebben in de tot nu toe gecontroleerde openbare stukken van de gemeente Ommen, de provincie Overijssel en de initiatiefnemer geen begroting, investeringsraming of businesscase voor dit project aangetroffen. Er is dan ook geen bedrag dat wij als projectfeit kunnen noemen.
Wat wél vaststaat, is waaruit de kosten van een windpark op land bestaan. Die posten zijn generiek en gelden ook voor Ondersloot:
- turbines (het grootste deel van de investering);
- funderingen en kraanopstelplaatsen;
- wegen en overige civiele infrastructuur;
- kabels op het terrein;
- netaansluiting en transformatorstation;
- projectontwikkeling en projectmanagement;
- onderzoeken, waaronder milieu-, geluid-, slagschaduw- en natuuronderzoek;
- vergunningen en leges;
- financiering en rentelasten tijdens de bouw;
- beheer, onderhoud en storingsherstel gedurende de exploitatie;
- verzekeringen;
- grondvergoedingen aan grondeigenaren;
- mitigerende maatregelen, zoals stilstandvoorzieningen voor slagschaduw of natuur;
- ontmanteling en herstel van het terrein aan het einde van de levensduur.
Wat staat nog open?
- de totale investeringssom van Ondersloot;
- het turbinetype en daarmee de kostprijs per turbine;
- de kosten van de netaansluiting en wie die draagt;
- de hoogte en looptijd van de grondvergoedingen;
- de jaarlijkse operationele kosten;
- de afspraken over ontmanteling en de financiële zekerstelling daarvan.
Ook de kosten en juridische borging van demontage, verwerking van rotorbladen, verwijdering van infrastructuur en herstel van de locatie zijn nog niet openbaar vastgesteld. Wat hierover inhoudelijk bekend is, staat bij Materialen, slijtage en einde levensduur.
Voor de orde van grootte bestaan Nederlandse referentiewaarden voor wind op land, onder meer in het jaarlijkse eindadvies van het Planbureau voor de Leefomgeving over de SDE++-basisbedragen. Die waarden beschrijven een gemiddeld Nederlands project en zijn uitdrukkelijk geen kostprijs van Ondersloot. Wij gebruiken internationale kostencijfers niet als projectcijfer voor dit windpark.
Nederlandse referentiewaarden wind op land (geen Ondersloot-cijfers)
- investeringskosten: 1.540 euro per kW opgesteld vermogen;
- vaste operationele kosten: 14,01 euro per kW per jaar;
- vollasturen: circa 2.580 tot 3.660 uur per jaar, afhankelijk van de windsnelheidsklasse van de locatie;
- economische levensduur waarmee gerekend wordt: 20 jaar.
Dit zijn de rekenparameters die PBL hanteert voor een gemiddeld Nederlands windpark op land bij het bepalen van de SDE++-basisbedragen. Zij zeggen niets over de werkelijke kosten van Windpark Ondersloot: het turbinetype, het opgestelde vermogen en de locatiespecifieke windsnelheid zijn voor dit project niet openbaar vastgesteld.
Hoeveel elektriciteit kan Ondersloot produceren?
Wat is bekend?
Het plan gaat uit van vier windturbines met maximale afmetingen van ongeveer 180 meter ashoogte, 200 meter rotordiameter en 280 meter tiphoogte. Het vermogen per turbine en het turbinetype liggen nog niet openbaar vast; daarmee ligt ook het opgestelde vermogen in megawatt nog niet vast.
80 GWh is een beleidsmatige capaciteit, geen productieprognose. Gemeente en provincie hebben afgesproken dat in de gemeente Ommen tot 2030 maximaal 115 GWh mag worden opgewekt. Windpark De Veenwieken vult daarvan al circa 35 GWh volgens de initiatiefnemer; in gemeentelijke en provinciale stukken wordt 34 GWh gehanteerd. Daardoor resteert ongeveer 80 GWh. Windpark Ondersloot is op 18 juni 2026 door de provincie geselecteerd om die resterende opgave in te vullen. Dit is dus de aan het project toegewezen beleidsruimte en niet een gemeten of vergunde jaarproductie.
De initiatiefnemer vermeldt dat vier windmolens bij de maximale afmetingen tot 120 miljoen kilowattuur (120 GWh) per jaar kunnen opwekken. Dat is een bovengrens bij die afmetingen en niet hetzelfde als de 80 GWh beleidsruimte. Een projectspecifieke, onderbouwde productieberekening met vollasturen en verliezen hebben wij in de gecontroleerde openbare stukken niet aangetroffen.
De provincie Overijssel rekent in haar uitvoeringsprogramma bovendien met een vuistregel van ongeveer 20 GWh per turbine. Dat is een beleids-/rekenaanname voor programmering op provinciaal niveau. Pure Energie gaf in september 2024 aan dat pas later in de ontwikkeling duidelijk wordt hoeveel de turbines daadwerkelijk zullen opwekken. Verslag bijeenkomst omgevingsraad, september 2024 →
Niet ieder GWh-cijfer betekent hetzelfde.
Programmeringsruimte, een provinciale rekenaanname en een opgave van de initiatiefnemer zijn verschillende soorten cijfers.
Beleid en programmering
115 GWh
Programmeringskader Ommen
Provincie en gemeente hebben voor Ommen tot 2030 een maximum van 115 GWh per jaar aan windenergie afgesproken.
± 80 GWh
Resterende programmeringsruimte
Wat binnen het kader overblijft nadat het bestaande Windpark De Veenwieken is meegeteld. Beleids- en programmeringsruimte, geen productieprognose.
De resterende ruimte volgt uit het kader van 115 GWh minus het aandeel van Windpark De Veenwieken.
Rekenaanname en opgave initiatiefnemer
20 GWh per turbine
Provinciale rekenaanname
Gebruikt voor de programmering in deze fase.
Een vuistregel op provinciaal niveau, geen verwachte opbrengst van een specifieke turbine.
tot 120 GWh/jaar
Opgave initiatiefnemer
Potentiële opwek van vier windmolens bij de maximale afmetingen.
Bovengrens, geen onderbouwde projectspecifieke productieprognose.
Deze twee cijfers staan los van het programmeringskader en van elkaar.
Theoretisch versus werkelijk
De theoretische productie is het opgestelde vermogen maal alle uren van het jaar. De werkelijke productie ligt daar ver onder, omdat de wind niet altijd waait en niet altijd hard genoeg. Die verhouding wordt uitgedrukt in vollasturen (het aantal uren dat een turbine op vol vermogen zou moeten draaien om de jaarproductie te halen) en in de capaciteitsfactor (het aandeel van het theoretische maximum dat werkelijk wordt gehaald).
Productieverliezen
Ook bij een draaiend windpark gaat productie verloren door onderhoud, storingen, netcongestie of afregeling door de netbeheerder, stilstand tegen slagschaduw, natuurmaatregelen zoals stilstand voor vleermuizen of vogels, en eventuele geluidsbeperkingen in de nachtperiode. Deze verliezen verlagen zowel de productie als de inkomsten.
Meer over netcongestie en netcapaciteit →
Wat staat nog open?
- het vermogen en type van de turbines;
- de projectspecifieke, onderbouwde jaarproductie;
- de gehanteerde vollasturen en capaciteitsfactor;
- de verwachte productieverliezen door stilstand en afregeling.
Waar komen de inkomsten vandaan?
Een windpark op land heeft in Nederland in hoofdlijnen deze inkomstenbronnen:
- Verkoop van elektriciteit. De stroom wordt verkocht op de markt, tegen de geldende elektriciteitsprijs. Die prijs schommelt per uur en per jaar.
- Een PPA. Een power purchase agreement is een langlopend leveringscontract met bijvoorbeeld een energiebedrijf of een grootverbruiker. Het geeft zekerheid over de prijs en is daarmee vaak een voorwaarde voor financiering.
- Garanties van Oorsprong. Certificaten die bewijzen dat een hoeveelheid stroom duurzaam is opgewekt. Ze worden apart verhandeld en leveren een extra, doorgaans beperkte inkomstenpost op.
- SDE++. Een exploitatiesubsidie van de rijksoverheid, uitgevoerd door RVO. De regeling vult het verschil aan tussen de kostprijs van duurzame productie en de marktopbrengst.
Hoe SDE++ werkt
Basisbedrag. Het bedrag per kilowattuur dat nodig wordt geacht om de productie rendabel te maken. Het is per categorie vastgesteld op basis van het jaarlijkse advies van het Planbureau voor de Leefomgeving.
Correctiebedrag. De opbrengst die de producent geacht wordt zelf op de markt te halen. Dit wordt jaarlijks vastgesteld en achteraf gecorrigeerd.
Uitkering. De subsidie is het verschil tussen basisbedrag en correctiebedrag, maal de werkelijke productie. Is de marktprijs hoog, dan wordt er weinig of niets uitgekeerd; is de marktprijs laag, dan is de uitkering hoger. Er geldt bovendien een basisenergieprijs als bodem.
Beschikking is geen uitbetaling. Een SDE++-beschikking noemt een maximumbedrag over de hele looptijd. Wat werkelijk wordt uitgekeerd, hangt af van de gerealiseerde productie en de marktprijzen. Een zin als “het windpark krijgt X euro subsidie” is daarom onjuist zolang alleen een theoretisch maximum bekend is.
Systemen met een contract for difference (CfD) werken met een vergelijkbare tweezijdige verrekening: bij hoge prijzen betaalt de producent terug. Voor wind op land in Nederland is SDE++ op dit moment de relevante regeling.
Wat is het financiële rendement?
- Investering & ontwikkeling
- Turbines, funderingen, civiele werken, netaansluiting, onderzoeken, vergunningen en projectontwikkeling. De investeringssom van Ondersloot is niet openbaar bekend.
- Elektriciteitsproductie
- Hoeveel een windpark werkelijk produceert hangt af van turbinetype, vermogen en locatie. Productie is nog geen omzet en zeker geen winst.
- Inkomsten
- Productie kán tot inkomsten leiden. Wat een windpark ontvangt hangt af van prijzen, contracten en eventuele ondersteuning; dat ligt voor dit project niet vast.
- Kosten & financiering
- Beheer, onderhoud, verzekeringen, grondvergoedingen, rente en aflossing gaan van de inkomsten af, vóórdat er iets overblijft.
- Financieel resultaat
- Wat per saldo resteert, kan hoger of lager uitvallen en ook nul of negatief zijn. Rendement is iets anders: dat wordt bepaald op basis van investering en kasstromen over de tijd.
Om het werkelijke rendement van Windpark Ondersloot te berekenen zijn ten minste deze gegevens nodig: de totale investering, de verdeling tussen eigen en vreemd vermogen, de rente en looptijd van de financiering, de jaarlijkse productie, de elektriciteitsprijs of PPA-prijs, eventuele SDE++-ondersteuning, de jaarlijkse operationele kosten, belastingen, de economische levensduur en de restwaarde of ontmantelingskosten.
De begrippen op een rij
- Omzet: alle inkomsten in een jaar, vóór aftrek van kosten.
- Kasstroom: wat er na betaling van kosten, rente en aflossing werkelijk overblijft.
- Terugverdientijd: het aantal jaren voordat de investering is terugverdiend.
- Rendement op eigen vermogen: wat de inleggers per euro eigen inleg overhouden.
- IRR: het gemiddelde jaarrendement over de hele looptijd, waarbij rekening wordt gehouden met het moment waarop geld binnenkomt of weggaat.
- Netto contante waarde: de waarde van alle toekomstige kasstromen, teruggerekend naar vandaag.
Wat is bekend?
Van deze gegevens is voor Ondersloot vrijwel niets openbaar. Wij publiceren daarom geen rendement, geen terugverdientijd en geen IRR voor dit project. Een berekening op basis van landelijke gemiddelden zou een schijnnauwkeurigheid geven die de werkelijkheid van dit project niet weergeeft.
Wat staat nog open?
De investeringssom, de financieringsstructuur, de verwachte marktinkomsten, de operationele kosten en de rendementseisen van de betrokken partijen.
Wie ontvangt de financiële opbrengsten?
Onderstaand overzicht maakt onderscheid tussen wat is aangetoond, wat is voorgenomen, wat mogelijk is en wat nog onbekend is.
Voor Ondersloot geldt per partij een andere bewijsstatus:
- Aangetoond: dat het gebied is geselecteerd voor uitwerking van een aanvraag.
- Voorgenomen: lokaal eigendom als beleidsuitgangspunt van provincie (streven 50%) en gemeente (minimaal 60% in het Windbeleid Ommen).
- Mogelijk: een omgevingsfonds, een rol voor een energiecoöperatie en grondvergoedingen aan grondeigenaren.
- Nog onbekend: de bedragen, de verdeelsleutel en de contracten. Wij hebben geen ondertekende overeenkomst over de verdeling van financiële opbrengsten bij Ondersloot aangetroffen.
Wat betekent lokaal eigendom financieel?
Wat is bekend?
Provincie Overijssel hanteert een streven van 50% lokaal eigendom en toetst initiatiefnemers daarbij op een inspanningsverplichting. De gemeente Ommen heeft in het Windbeleid Ommen (januari 2025) minimaal 60% lokaal eigendom opgenomen. Het percentage van 50% komt oorspronkelijk uit het Klimaatakkoord van 2019. De initiatiefnemer biedt voor Ondersloot 50% lokaal eigendom aan, in de regel via een lokale energiecoöperatie. Het zijn alle beleidsuitgangspunten en aanbiedingen, geen landelijke wettelijke norm.
De financiële vragen daarachter
- 50% of 60% waarvan precies? Van de aandelen, van het eigen vermogen, van de opbrengst, of van het economisch belang? Dat maakt financieel groot verschil.
- Eigendom of economisch belang? Aandelen geven zeggenschap; een winstdeling zonder aandelen niet.
- Welke inleg is nodig? Lokaal eigendom vergt eigen vermogen van lokale partijen, plus toegang tot financiering.
- Welk risico hoort erbij? Mede-eigendom betekent ook meedelen in tegenvallers en in verliesrisico.
- Wie kan meedoen? Alleen omwonenden binnen een bepaalde straal, alle inwoners van Ommen, of een breder gebied?
- Wat gebeurt er bij verkoop? Kunnen aandelen worden doorverkocht, en aan wie?
- Welke rol heeft een energiecoöperatie? Als houder van het lokale aandeel, als organisator van deelname, of beide?
Openstaande vraag
Hoeveel geld is nodig om het lokale aandeel in Windpark Ondersloot daadwerkelijk te financieren? Dat bedrag volgt uit de investeringssom en de financieringsstructuur, en beide zijn niet openbaar. Zolang die ontbreken, is niet vast te stellen of een lokaal aandeel van 50% of 60% financieel haalbaar is en door wie het zou worden gedragen.
Welke publieke ondersteuning kan het windpark ontvangen?
De relevante regeling voor wind op land is SDE++, uitgevoerd door RVO. De basisbedragen worden jaarlijks geadviseerd door het Planbureau voor de Leefomgeving en vastgesteld door de minister. Een aanvraag kan pas worden gedaan als aan de voorwaarden van de regeling is voldaan; toekenning gebeurt op volgorde van kosteneffectiviteit binnen het beschikbare budget.
Wat is bekend over Ondersloot?
Wij hebben in de gecontroleerde openbare bronnen geen SDE++-aanvraag, beschikking, subsidiecategorie, basisbedrag of looptijd voor Windpark Ondersloot aangetroffen. Er is daarmee geen grond om te stellen dat dit windpark al een bepaalde subsidie ontvangt of toegezegd heeft gekregen.
Wat staat nog open?
Of en wanneer de initiatiefnemer SDE++ aanvraagt, in welke categorie, en welk maximumbedrag een eventuele beschikking zou noemen.
Maatschappelijke kosten en baten
Een maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA) is iets anders dan de businesscase van de ontwikkelaar. Een businesscase kijkt naar de opbrengsten en kosten van één partij. Een MKBA weegt alle effecten voor de samenleving, ook effecten die niemand factureert.
Mogelijke baten die onderzocht kunnen worden
- de geproduceerde elektriciteit;
- vermeden CO₂- en andere emissies;
- de bijdrage aan de energievoorziening en aan beleidsdoelen;
- eventuele lokale financiële opbrengsten, zoals lokaal eigendom of een fonds.
Mogelijke kosten en effecten in een integrale beoordeling
- net- en systeemkosten, inclusief netverzwaring en balancering;
- eventuele publieke ondersteuning;
- landschap;
- natuur en ecologie;
- geluid en hinder;
- slagschaduw;
- woningwaarde;
- eventuele nadeelcompensatie;
- recreatie en toerisme.
Het noemen van een post is geen bewijs van schade of van baat. De volgorde van de vragen is steeds: is deze post onderzocht, hoe is die gewaardeerd, door wie, en met welke bron en methodiek? Voor de inhoudelijke effecten verwijzen wij naar de bestaande dossiers; wij dupliceren die hier niet.
Zijn toerisme en recreatie economisch meegewogen?
Onderzoekslijn
De verkenning Windenergie Ommen die Pondera in 2023 uitvoerde (rapport 722149) was naar haar eigen opzet een ruimtelijk-technische verkenning van mogelijke zoekgebieden. Een integrale economische beoordeling van alle maatschappelijke effecten, waaronder recreatie en toerisme, maakte daarvan geen onderdeel uit.
De vervolgvraag is of mogelijke economische effecten op recreatie en toerisme later wél zijn meegenomen in een bredere economische of maatschappelijke kosten-batenafweging voor windenergie in Ommen of voor Windpark Ondersloot. Wij hebben zo'n afweging in de tot nu toe gecontroleerde openbare stukken niet aangetroffen. Dat is een bevinding over de door ons gecontroleerde bronnen en niet de vaststelling dat die afweging nergens bestaat.
Voor Ommen is dit geen randvraag: recreatie en toerisme zijn een substantiële economische sector in het Vechtdal. De vraag of, en met welke methode, effecten op die sector zijn gewaardeerd, is daarom onderdeel van onze openstaande vragen.
Meer over de rol en reikwijdte van Pondera →
Meer over de rol van de gemeente Ommen →
Is voor Windpark Ondersloot een maatschappelijke kosten-batenanalyse uitgevoerd?
Wij hebben in de gecontroleerde openbare stukken nog geen integrale MKBA voor Windpark Ondersloot aangetroffen. Dat is uitdrukkelijk niet hetzelfde als de vaststelling dat er geen MKBA is uitgevoerd.
Welke bronnen zijn gecontroleerd?
- de openbare stukken en raadsinformatie van de gemeente Ommen;
- de openbare stukken van de provincie Overijssel over de projectprocedure;
- de stukken rond de selectie van Ondersloot;
- de openbare informatie van de initiatiefnemer;
- de verkenning Windenergie Ommen van Pondera uit 2023 (rapport 722149).
De vragen die een MKBA zou moeten beantwoorden
Zolang geen openbare MKBA is gevonden, blijven deze vragen onbeantwoord: bestaat er een MKBA, wie voerde die uit en wanneer, welke kosten en welke baten zijn meegenomen, zijn net- en systeemkosten meegewogen, is woningwaarde meegewogen, zijn landschap en natuur meegewogen, zijn toerisme en recreatie meegewogen, en zijn lokale economische effecten meegewogen?
Wat is bekend en wat staat nog open?
Wat is bekend?
- het plan gaat uit van vier turbines van 280 meter tiphoogte;
- het gebied is geselecteerd voor uitwerking van een aanvraag; er is geen verleende vergunning;
- de provincie streeft naar 50% lokaal eigendom, de gemeente Ommen noemt minimaal 60%;
- aan Ondersloot is de resterende beleidsruimte van circa 80 GWh per jaar toegewezen; de initiatiefnemer noemt tot 120 GWh per jaar als potentiële opwek bij maximale afmetingen;
- de provincie rekent programmatisch met circa 20 GWh per turbine;
- SDE++ is de relevante ondersteuningsregeling voor wind op land.
Wat staat nog open?
- de werkelijke investeringssom;
- het turbinevermogen en -type;
- de financieringsstructuur en de rentelasten;
- de grondvergoedingen;
- een projectspecifieke SDE++-aanvraag of -beschikking;
- de verwachte marktinkomsten en een eventuele PPA;
- de jaarlijkse operationele kosten;
- het rendement, de terugverdientijd en de IRR;
- de benodigde lokale investering voor lokaal eigendom;
- de verdeling van de financiële opbrengsten;
- het bestaan van een integrale MKBA.
Wat kunnen we straks berekenen?
Zodra betrouwbare invoergegevens beschikbaar zijn, kan een transparante scenarioanalyse worden gemaakt met een laag, midden- en hoog scenario, waarin productie, elektriciteitsprijs, kosten en financiering variëren. Als referentie gebruiken wij dan bij voorkeur de actuele Nederlandse PBL-aannames voor wind op land.
Wij voeren die berekening nu nog niet uit. Zolang de investeringssom, het turbinevermogen en de financieringsstructuur ontbreken, zou elke uitkomst berusten op onze eigen aannames en niet op dit project. In een latere scenarioanalyse wordt iedere waarde gelabeld als Ondersloot — projectgegeven, referentiewaarde wind op land of aanname / scenario.
Bronnen en rekenverantwoording
Onderstaande tabel maakt zichtbaar welke gegevens projectspecifiek zijn en welke niet. Zolang een cel “nog niet vastgesteld” vermeldt, is er geen openbaar gecontroleerde waarde voor Ondersloot.
| Gegeven | Waarde | Jaar | Bron | Type gegeven |
|---|---|---|---|---|
| Aantal turbines | 4 | 2026 | Provincie Overijssel / gemeente Ommen | Ondersloot-projectgegeven |
| Tiphoogte | 280 meter tiphoogte | 2026 | Provincie Overijssel / gemeente Ommen | Ondersloot-projectgegeven |
| Turbinevermogen / type | nog niet vastgesteld | — | — | Nog onbekend |
| Investeringskosten | nog niet vastgesteld | — | — | Nog onbekend |
| Toegewezen beleidscapaciteit Ondersloot | circa 80 GWh per jaar | 2026 | Afspraak provincie Overijssel–gemeente Ommen (115 GWh minus circa 35 GWh De Veenwieken), weergegeven op de projectwebsite; selectie provincie 18 juni 2026 | Beleids-/regelinggegeven |
| Genoemde opbrengst bij maximale afmetingen | tot 120 GWh per jaar (bovengrens bij maximale afmetingen) | 2026 | Initiatiefnemer, projectwebsite | Ondersloot-projectgegeven (opgave initiatiefnemer) |
| Onderbouwde jaarproductie met verliezen | nog niet vastgesteld | — | — | Nog onbekend |
| Rekenaanname productie per turbine | circa 20 GWh | 2026 | Provincie Overijssel, uitvoeringsprogramma energie | Beleids-/regelinggegeven |
| Lokaal eigendom, provinciaal streven | 50% | 2024 | Provincie Overijssel | Beleids-/regelinggegeven |
| Lokaal eigendom, gemeentelijke eis | minimaal 60% | 2025 | Windbeleid Ommen | Beleids-/regelinggegeven |
| Referentie-investeringskosten wind op land | 1.540 €/kW | 2026 | PBL, eindadvies basisbedragen SDE++ 2026 | Nederlandse referentiewaarde |
| Referentie vaste O&M-kosten wind op land | 14,01 €/kW per jaar | 2026 | PBL, eindadvies basisbedragen SDE++ 2026 | Nederlandse referentiewaarde |
| Referentie vollasturen wind op land | 2.580–3.660 uur, afhankelijk van windsnelheidsklasse | 2026 | PBL, eindadvies basisbedragen SDE++ 2026 | Nederlandse referentiewaarde |
| Referentie economische levensduur | 20 jaar | 2026 | PBL, eindadvies basisbedragen SDE++ 2026 | Nederlandse referentiewaarde |
| SDE++-aanvraag of -beschikking Ondersloot | niet aangetroffen | — | RVO | Nog onbekend |
| Grondvergoedingen | nog niet vastgesteld | — | — | Nog onbekend |
| Rendement / IRR | niet berekend, gegevens ontbreken | — | — | Nog onbekend |
| MKBA Windpark Ondersloot | niet aangetroffen in gecontroleerde stukken | — | Gemeente Ommen, provincie Overijssel | Nog onbekend |
Welke bronnen wij gebruiken
Voor algemene economische informatie over wind op land gebruiken wij bij voorkeur primaire Nederlandse bronnen: het Planbureau voor de Leefomgeving voor de SDE++-basisbedragen en de onderliggende kostendata, RVO voor de werking van SDE++ en het Centraal Planbureau voor de methodiek van maatschappelijke kosten-batenanalyses. Daarnaast gebruiken wij de officiële stukken van de provincie Overijssel en de gemeente Ommen en de projectdocumenten over Ondersloot. Alle gebruikte documenten staan in ons bronnenregister.
Commerciële of opiniërende artikelen gebruiken wij niet als primaire onderbouwing zolang een officiële of wetenschappelijke bron beschikbaar is. Internationale kostencijfers gebruiken wij niet als kostprijs van Ondersloot, en cijfers over wind op zee gebruiken wij niet voor wind op land.
Bronnen en documenten
16 bronnenToon alle bronnenVerberg bronnen
Pure Energie (initiatiefnemer)
Windpark Ondersloot — Provinciaal en gemeentelijk beleid
doorlopend · Projectinformatie initiatiefnemer · projectdocument
Provincie Overijssel
Beleidsregel aanvraag windenergie provincie Overijssel 2026
1 januari 2026 · Beleidsregel · officiële toelichting
Provincie Overijssel
Provinciaal Programma Energiestrategie 2026
1 januari 2026 · Programma · officiële toelichting
Pure Energie (initiatiefnemer)
Verslag bijeenkomst omgevingsraad Windpark Ondersloot, september 2024
september 2024 · Verslag · projectdocument
Gemeente Ommen
Beleidsnotitie Windbeleid Ommen
oktober 2024 · Beleidsstuk · officiële toelichting
Pure Energie (initiatiefnemer)
Windpark Ondersloot — Het idee
doorlopend · Projectinformatie initiatiefnemer · projectdocument
Pure Energie (initiatiefnemer)
Windpark Ondersloot — Meedelen
doorlopend · Projectinformatie initiatiefnemer · projectdocument
Planbureau voor de Leefomgeving (PBL)
Eindadvies basisbedragen SDE++ 2026
2026 · Advies · officiële toelichting
Gemeente Ommen
Wind — gemeente Ommen
18 juni 2026 · Webpagina · officiële toelichting
Pondera, in opdracht van gemeente Ommen
Pondera — Verkenning windenergie Ommen — definitief rapport — 30 maart 2023 — project 722149
30 maart 2023 · Rapport · onderzoek in opdracht
Rijksoverheid
Klimaatakkoord
28 juni 2019 · Akkoord · officiële toelichting
CPB en PBL
Algemene leidraad voor maatschappelijke kosten-batenanalyse
2013 · Leidraad (methodiek) · officiële toelichting
RVO
SDE++: Hernieuwbare elektriciteit
doorlopend · Regelinguitleg · officiële toelichting
RVO
SDE++: Oriënteren
doorlopend · Regelinguitleg · officiële toelichting
Provincie Overijssel
Selectie van aanvragen voor windparken
doorlopend · Webpagina · officiële toelichting
Het Financieele Dagblad
De donkere wolken boven twee te bouwen windparken zijn nog lang niet opgetrokken
26 juli 2026 · journalistiek
Bekijk ook de rubriek Rijksoverheid en officiële instanties in het volledige bronnenregister. De bronnen van deze pagina staan in meerdere rubrieken.
