Gevolgen
Woningwaarde
Wat is bekend over het effect op de waarde van woningen en grond, en welke regelingen bestaan er voor schade?
Ons standpunt
Leefbaar Stegeren is tegen Windpark Ondersloot 3. De komende onderzoeken zijn nodig om gevolgen controleerbaar in beeld te brengen en inwoners te beschermen, maar veranderen ons standpunt over dit plan en deze locatie niet.
Meerdere onderzoeken vinden waardedaling in bepaalde situaties. Bewoners mogen niet eerst schade hoeven te ondervinden en daarna op een individuele schadeprocedure worden aangewezen; de mogelijke gevolgen moeten vóór verdere besluitvorming projectspecifiek en controleerbaar zijn beoordeeld.
Woningwaarde in één minuut
Onderzoek op basis van werkelijke transacties vindt een meetbaar negatief statistisch verband tussen windturbines en woningprijzen, vooral bij zicht op turbines en op korte afstand. Internationaal onderzoek uit het Verenigd Koninkrijk, Denemarken en Duitsland vindt eveneens prijseffecten. De omvang verschilt per studie, woningmarkt en situatie.
Wat dat voor een individuele woning rond Ondersloot 3 betekent, is niet vastgesteld: de onderzochte turbines en markten verschillen van deze locatie. Voor de lokale situatie moet afzonderlijk worden gekeken welke onderzoeksbasis relevant is, gelet op de uiteindelijke turbineposities, afstanden tot woningen, zichtrelaties en de cumulatie met Windpark De Veenwieken.
Marktwaarde, WOZ-waarde en een eventueel juridisch recht op nadeelcompensatie zijn verschillende onderwerpen. Het bestaan van een wettelijke schadeprocedure vervangt geen voorafgaande beoordeling van de mogelijke waardedaling door Ondersloot en is geen antwoord op de vraag of die gevolgen aanvaardbaar zijn.

Wat weten we, en hoe zeker is dat?
Wij delen bevindingen op deze pagina in naar bewijskracht, zodat duidelijk is wat stevig is onderbouwd en wat nog een vraag is.
- Sterk onderbouwd
- Onderzoek op basis van werkelijke verkooptransacties laat een meetbaar negatief statistisch verband zien tussen de nabijheid van windturbines en de verkoopprijs van woningen.
- Aanwijzingen
- Wat een mogelijke tiphoogte tot 280 meter in deze projectsituatie voor de woningwaarde betekent, is niet met rechtstreeks vergelijkbare gegevens onderbouwd; de beschikbare studies gaan over lagere turbines.
- Praktijkervaring
- Ervaringen met verkoop, taxatie en nadeelcompensatie bij bestaande windparken lopen uiteen en zijn niet zonder meer naar deze situatie over te zetten.
- Nog vast te leggen in de onderzoeksopzet
- Hoe de mogelijke waardedaling door Ondersloot per woning en woningcategorie wordt vastgesteld, hoe de bestaande invloed van De Veenwieken afzonderlijk zichtbaar blijft en welke uitkomsten betekenen dat het plan niet verder kan.
Mogelijke betekenis voor omwonenden
Voor huishoudens in het buitengebied zit een groot deel van het vermogen in de woning. Een waardedaling raakt daarmee niet alleen de verkoopprijs, maar ook de financiële ruimte van een gezin.
Of en hoeveel een woning in waarde daalt hangt af van de afstand, het zicht, de hoogte van de turbines en de lokale woningmarkt.
Volledige onderzoeken, juridische uitleg en onzekerheden
Hieronder staat de volledige onderzoeks- en bronbespreking. De onderdelen zijn ingeklapt om de hoofdlijn leesbaar te houden. Alle bestaande onderzoeken, cijfers, beperkingen, juridische uitleg en bronnen blijven beschikbaar.
Onderzoeken met beperkte, gemengde of niet-eenduidige uitkomsten
Gibbons 2015 en internationale transactiestudies
- Wat is onderzocht?
- Werkelijke woningtransacties, met onderscheid naar zicht en ligging.
- Wat was de uitkomst?
- Gibbons vond prijsdalingen bij zicht op turbines en geen meetbaar effect zonder zicht. Andere studies vinden verschillende effecten naar plaats en afstand.
- Welke beperkingen gelden?
- Britse en andere woningmarkten, lagere turbines en historische onderzoeksperioden; een gemiddeld of niet meetbaar effect is geen individuele taxatie.
- Wat betekent dit wel en niet voor Ondersloot 3?
- Zicht, afstand en cumulatie moeten lokaal worden beoordeeld; de studies bewijzen niet dat iedere woning daalt of juist geen waardedaling heeft.
Lees de bronbespreking en onderbouwing
Deze uitkomst is relevant voor een evenwichtige beoordeling, maar vormt geen projectspecifieke beoordeling van Ondersloot 3.
Wat onderzoek en officiële bronnen hierover zeggen
Onderzoek naar verkoopprijzen
De oorspronkelijke, peer-reviewde publicatie is Dröes & Koster, Renewable energy and negative externalities: The effect of wind turbines on house prices, Journal of Urban Economics 96 (2016), 121-141 (DOI 10.1016/j.jue.2016.09.001). De auteurs gebruiken Nederlandse woningtransacties over de periode 1985-2011 en de exacte locaties van alle toen in Nederland gebouwde windturbines. Zij vinden gemiddeld een prijsdaling van 1,4 procent voor woningen binnen 2 kilometer van een turbine; het effect is groter bij hogere turbines en in stedelijk gebied. Ook vinden zij aanwijzingen voor anticipatie-effecten enkele jaren vóór plaatsing.
Het vervolgonderzoek ‘Windturbines, zonneparken en woningprijzen’ van dezelfde auteurs (in opdracht van RVO, 2019) gebruikt eveneens werkelijke verkooptransacties en bevestigt het beeld dat het gemeten effect groter is naarmate de afstand kleiner en de turbine hoger is.
Beide onderzoeken gaan over woningprijzen / verkoopprijzen en niet over individuele WOZ-beschikkingen. Een statistisch verband over grote aantallen woningtransacties is geen voorspelling voor één individuele woning: de genoemde percentages zijn gemiddelden, gebonden aan de onderzochte periode, afstandscategorieën en turbinehoogtes van dat onderzoek.
De onderzoeken naast elkaar
| Onderzoek | Wat is onderzocht? | Bevinding | Beperking |
|---|---|---|---|
| Dröes & Koster (2016), Journal of Urban Economics | Nederlandse woningtransacties 1985-2011, gekoppeld aan de exacte locaties van alle toen gebouwde windturbines (peer-reviewed). | Gemiddeld 1,4 procent lagere verkoopprijs voor woningen binnen 2 kilometer van een turbine; groter effect bij hogere turbines en in stedelijk gebied. | Gemiddelde over grote aantallen transacties; gaat over relatief lage turbines uit de onderzochte periode. |
| Dröes & Koster voor RVO (2019) | Vervolgonderzoek naar het effect van windturbines én zonneparken op verkoopprijzen van woningen. | Bevestigt het beeld: het gemeten effect is groter naarmate de afstand kleiner en de turbine hoger is. | Betreft transactieprijzen, geen WOZ-beschikkingen; geen turbines van de huidige omvang. |
| Kadaster, via RVO (2023) | Wonen in de nabijheid van windmolens en de doorwerking op de woningmarkt, op basis van geregistreerde transactiegegevens. | Beschrijft de woningmarkt rond windmolens en de waardeontwikkeling in die gebieden. | Beschrijvend van aard; geeft geen uitspraak over de gevolgen voor één individuele woning. Betreft bestaande, aanzienlijk lagere turbines dan 280 meter. |
| TNO 2022 P10374 | Ruimtelijke raming van de verwachte impact van nieuwe windturbines op huizenprijzen in Nederland, 2020-2030. | De waardeontwikkeling van woningen dicht bij turbines blijft naar verwachting achter bij vergelijkbare woningen elders; de lasten zijn ongelijk over gemeenten verdeeld. | Modelmatige raming op gebiedsniveau; geen uitspraak over een individuele woning en geen meting achteraf. Gebaseerd op eerder gemeten effecten bij lagere turbines. |
| TNO 2022 P10127 | Vragenlijst aan een steekproef van 8.400 omwonenden van vier windparken; ongeveer 2.200 deelnemers. | Omwonenden noemen naast hinder ook zorgen over de waarde en de verkoopbaarheid van hun woning. | Meet beleving en zorgen, geen transactieprijzen; levert dus geen prijseffect op. |
WOZ-waarde
De WOZ-waarde wordt voor een individuele woning door de gemeente vastgesteld volgens de Wet waardering onroerende zaken. De Waarderingskamer, de onafhankelijke toezichthouder op de uitvoering van die wet, beschrijft dat de gemeente daarbij uitgaat van verkoopcijfers van vergelijkbare woningen rond de waardepeildatum en van de kenmerken van de woning zelf.
Een in onderzoek gevonden gemiddeld statistisch effect op verkoopprijzen betekent niet automatisch dat de WOZ-waarde van iedere woning met hetzelfde percentage verandert. Onderzoek naar transactieprijzen zegt dus niets rechtstreeks over de WOZ-beschikking van een afzonderlijke woning.
Economisch waardeverlies is iets anders dan recht op nadeelcompensatie
Onderstaande uitleg beschrijft alleen het juridische kader. Een mogelijke latere aanspraak op nadeelcompensatie voorkomt geen waardedaling en vervangt geen projectspecifiek onderzoek vooraf. Leefbaar Stegeren beschouwt deze regeling niet als oplossing voor de gevolgen van Ondersloot.
Er zijn twee verschillende vragen. De eerste is economisch: verandert de marktwaarde of verkoopprijs van woningen in de omgeving? De tweede is juridisch: bestaat er recht op nadeelcompensatie? Een in wetenschappelijk onderzoek gemeten gemiddelde waardedaling betekent niet automatisch dat een woningeigenaar hetzelfde percentage als nadeelcompensatie ontvangt.
Het Informatiepunt Leefomgeving (IPLO) beschrijft dat bij zogeheten indirecte schade — waardevermindering van een onroerende zaak door activiteiten in de omgeving — onder meer van belang is welk besluit de schade veroorzaakt (bijvoorbeeld een omgevingsvergunning of een projectbesluit), of de schade aan dat besluit is toe te rekenen (causaliteit), vanaf welk moment een aanvraag kan worden gedaan, of de schade voorzienbaar was, en of de schade uitgaat boven het normaal maatschappelijk risico.
Volgens IPLO geldt bij indirecte schade voor waardevermindering van een onroerende zaak een vast eigen risico (forfait) van 4% van de waarde die de onroerende zaak direct vóór de peildatum had. Het bevoegd gezag mag dat percentage niet verhogen of verlagen; die 4% blijft voor rekening van de eigenaar. Onder omstandigheden geldt een anticumulatieregeling van het wettelijk forfait (artikel 15.7 Omgevingswet). Hoe dit in een concreet geval uitpakt, hangt af van de omstandigheden en van de beoordeling door het bevoegd gezag.
Wat internationaal onderzoek laat zien
Ook buiten Nederland is het effect van windturbines op woningprijzen met werkelijke transactiegegevens onderzocht. De uitkomsten wijzen niet allemaal dezelfde kant op: waar turbines vanuit de woning zichtbaar zijn en dichtbij staan, wordt vaker een prijseffect gevonden dan in gebieden met grotere afstanden of beperkt zicht.
| Onderzoek | Land | Uitkomst | Kanttekening |
|---|---|---|---|
| Dröes & Koster (2016) | Nederland | Gemiddeld circa 1,4 procent prijsdaling binnen 2 kilometer; sterker bij hogere turbines. | Onderzochte turbines uit de periode tot 2011 zijn aanzienlijk lager dan 280 meter; gemeten effecten betreffen woningen binnen 2 kilometer. |
| Gibbons (2015) | Verenigd Koninkrijk | Prijsdaling van enkele procenten voor woningen waar turbines zichtbaar zijn; geen meetbaar effect zonder zicht. | Zicht is bepalend; uitkomsten hangen sterk af van landschap en bebouwing. Onderzoek naar Britse transacties tot 2012 bij turbines die aanzienlijk lager zijn dan 280 meter. |
| Jensen, Panduro & Lundhede (2014) | Denemarken | Aparte, meetbare effecten van zowel zicht als geluid op de verkoopprijs. | Deense windparken zijn doorgaans kleiner en lager dan het plan bij Ondersloot; transacties tot circa 2011 en veelal op korte afstand tot bestaande turbines. |
| Sunak & Madlener (2016) | Duitsland | Prijsdaling voor woningen met zicht op een windpark, oplopend bij korte afstand. | Onderzoek in één deelstaat (transacties tot 2015) bij bestaande turbines die aanzienlijk lager zijn dan 280 meter; niet zonder meer overdraagbaar naar Overijssel. |
Het internationale beeld onderbouwt daarmee dat een negatief prijseffect reëel en meetbaar kan zijn, vooral bij zicht en korte afstand. Het bewijst niet vooraf hoe groot het effect bij Windpark Ondersloot zou zijn.
Vergelijkbaarheid met Windpark Ondersloot
Wij passen op alle hierboven genoemde onderzoeken dezelfde toets toe, ook wanneer de uitkomst onze zorgen ondersteunt. Alle genoemde studies gaan over bestaande turbines uit onderzoeksperioden die eindigen tussen ongeveer 2011 en 2015, met tiphoogtes die aanzienlijk lager zijn dan 280 meter. De gemeten effecten betreffen doorgaans woningen binnen enkele honderden meters tot circa twee kilometer van een turbine. Voor Ondersloot liggen de turbineposities en daarmee de afstanden tot woningen nog niet vast.
Resultaten van onderzoek naar aanzienlijk lagere turbines kunnen daarom niet zonder nadere motivering rechtstreeks worden vertaald naar de projectsituatie van Ondersloot, met vier voorziene turbines die volgens de actuele projectinformatie een tiphoogte tot 280 meter kunnen krijgen. Daaruit volgt niet dat de waardedaling bij Ondersloot groter zal zijn: in de door ons geraadpleegde studies is die relatie niet voor een rechtstreeks vergelijkbare projectsituatie onderzocht. Bij het onderzoek van het Kadaster en bij de TNO-raming konden wij niet voor alle deelanalyses vaststellen welke turbinehoogtes en afstandsklassen precies zijn gebruikt; de vergelijkbaarheid met Ondersloot is daar dus niet volledig te bepalen.
Wat nog onzeker of onderwerp van discussie is
De beschikbare onderzoeken zijn gebaseerd op bestaande, doorgaans lagere turbines. Wat een mogelijke tiphoogte tot 280 meter in deze projectsituatie voor de woningwaarde betekent, is niet met rechtstreeks vergelijkbare gegevens onderbouwd.
Een mogelijke juridische vergoeding zegt niet of de waardedaling aanvaardbaar is. Bovendien zijn de uitkomst, bewijspositie, voorwaarden en het deel dat voor rekening van de eigenaar blijft vooraf niet per woning zeker.
Betekenis voor Windpark Ondersloot
De komende projectbeoordeling moet de bestaande situatie met De Veenwieken vergelijken met de situatie bij toevoeging van Ondersloot 3. Onze onderzoekseisen staan hieronder.
Omwonenden mogen niet pas na een besluit of na waardedaling naar een individuele schadeprocedure worden verwezen. Vóór verdere besluitvorming moet controleerbaar zijn onderzocht welke invloed Ondersloot kan hebben op woningwaarden, hoe de bestaande invloed van De Veenwieken wordt onderscheiden en welke onzekerheden en bewijsproblemen voor bewoners overblijven. Vooraf moet tevens vaststaan welke uitkomsten onaanvaardbaar zijn en betekenen dat het plan niet verder kan.
Actuele procedurestatus
Volgens de openbare provinciale procesinformatie is de formele projectprocedure nog niet officieel gestart (peildatum 15 oktober 2026). Voorbereidende activiteiten en bestaande algemene onderzoeken zijn daarvan te onderscheiden. Zie de provinciale processtatus.
Onze eisen aan de komende onderzoeksopzet
Onze eisen aan de komende woningwaardebeoordeling
Onderstaande punten moeten volgens ons vanaf het begin in de onderzoeksopzet worden opgenomen en vóór een besluit openbaar en controleerbaar worden beoordeeld.
- een nulmeting van woningwaarden vóór besluitvorming;
- een analyse per woning van afstand, zicht en oriëntatie op de turbines;
- uitdrukkelijke beoordeling van de cumulatie met Windpark De Veenwieken, omdat woningen al binnen de invloedssfeer van een bestaand windpark liggen;
- een onderbouwing van wat de mogelijke tiphoogte tot 280 meter in deze projectsituatie voor de woningwaarde betekent, aangezien bestaand onderzoek uitgaat van lagere turbines;
- vooraf vastgelegde beoordelingscriteria en een duidelijke grens waarboven het plan wegens onaanvaardbaar waardeverlies niet verder kan;
- onafhankelijke uitvoering en openbare publicatie van de uitkomsten.
Nadeelcompensatie is een juridisch vangnet voor bepaalde schadegevallen en geen onderbouwing voor de aanvaardbaarheid van het plan. Wanneer de mogelijke waardedaling niet betrouwbaar vooraf kan worden vastgesteld, de cumulatieve invloed niet controleerbaar kan worden onderscheiden of een onaanvaardbaar financieel nadeel voor bewoners resteert, kan het plan niet verder.
Bronnen en documenten
12 bronnenToon alle bronnenVerberg bronnen
Rijksoverheid
Omgevingswet, artikel 15.7 (forfait waardevermindering) — geldende tekst
geldende tekst · Wet · officiële toelichting
doi.org
Renewable energy and negative externalities: The effect of wind turbines on house prices
2016 · onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek
doi.org
The impact of wind farm visibility on property values: A spatial difference-in-differences analysis
2016 · onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek
doi.org
Gone with the wind: Valuing the visual impacts of wind turbines through house prices
2015 · onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek
doi.org
The Vindication of Don Quixote: The Impact of Noise and Visual Pollution from Wind Turbines
2014 · onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek
rvo.nl
Kadaster — wonen bij windmolens
2023 · officiële toelichting
TNO
Onderzoek naar ervaringen van omwonenden van windturbines
2022-03 · Onderzoeksrapport · onderzoek in opdracht
PDF openen (opent in een nieuw tabblad)Alternatieve toegankelijke versie bij RVO (opent in een nieuw tabblad)
publications.tno.nl
TNO (2022) — verwachte impact van windturbines op huizenprijzen
2022 · onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek
RVO
Windturbines, zonneparken en woningprijzen
2019 · Onderzoeksrapport · officiële toelichting
waarderingskamer.nl
Hoe wordt de WOZ-waarde bepaald? — Waarderingskamer
officiële toelichting
rvo.nl
RVO — Wonen bij een windturbine
officiële toelichting
iplo.nl
Waardedaling onroerende zaak en indirecte schade
officiële toelichting
Bekijk ook de rubriek Wetenschappelijk onderzoek in het volledige bronnenregister. De bronnen van deze pagina staan in meerdere rubrieken.
Controlestatus van deze pagina
Tekst, presentatie en werking gecontroleerd: 18 oktober 2026.
Broninhoud: datum volledige inhoudelijke controle niet geregistreerd.
