Project · Referentiedossier
Windpark De Veenwieken: lessen voor Ondersloot
Windpark De Veenwieken ligt in de onmiddellijke nabijheid van het gebied waar de vier turbines van Ondersloot 3 zijn voorzien. Volgens de openbare provinciale procesinformatie is de formele projectprocedure nog niet officieel gestart (peildatum 15 oktober 2026). Eerdere besluiten en ervaringen bepalen niet wat bij Ondersloot zal gebeuren, maar laten wel zien welke vragen vooraf zorgvuldig moeten worden onderzocht.
Ons standpunt
Stichting Leefbaar Stegerveld is tegen Windpark Ondersloot 3. De komende onderzoeken zijn nodig om gevolgen controleerbaar in beeld te brengen en inwoners te beschermen, maar veranderen ons standpunt over dit plan en deze locatie niet.
De Veenwieken in zeven punten
- Omvang: tien turbines, vijf in Ommen en vijf in Hardenberg. Kerngegevens
- Hoogte: tiphoogte 149,5 meter; voor Ondersloot 3 wordt tot 280 meter genoemd, nog niet vastgesteld.
- Vergunninghouders: De Wieken BV (zes turbines, via Hardenberg) en Raedthuys (vier, via de provincie). Onderdeel 4
- Na ingebruikname: 105 van 149 bewoners die het park merkten, noemden in TNO-onderzoek overlast of een nadelig effect. Onderdeel 9
- Onderzoeken: MER, adviezen van de Commissie mer, toerismeverkenning, Raad van State en TNO. Overzicht
- Betekenis voor Ondersloot (onze analyse): laat zien welke vragen vooraf onderzoek vragen; vervangt geen eigen onderzoek naar Ondersloot 3.
- Lessen (onze analyse): beide parken samen per woning onderzoeken en klachtafhandeling vooraf vastleggen. Onderdeel 14
Zie ook drie soorten informatie en de tijdlijn van De Veenwieken.
Hoe u de labels op deze pagina leest
- Gedocumenteerd feit
- Volgt rechtstreeks uit een openbaar besluit, advies of projectdocument.
- Onderzoeksresultaat
- Uitkomst van een onderzoek; geldt binnen de opzet en beperkingen van dat onderzoek.
- Ervaring of verklaring
- Wat bewoners, bestuurders of initiatiefnemers zelf zeggen of ervaren.
- Journalistieke bron
- Verslaggeving door een nieuwsmedium; geen technisch of juridisch vastgestelde conclusie.
- Nog niet openbaar vastgesteld
- Niet openbaar vastgesteld; raadpleeg de concrete bron en beperking bij het dossieronderdeel.
- Tegenstrijdigheid in de stukken
- Documenten binnen hetzelfde dossier noemen verschillende gegevens; nader te verifiëren.
- Onvoldoende concreet beantwoord
- Een vraag kreeg een antwoord zonder concrete afspraken, criteria of uitwerking. Dit is geen fout.
- Bestuurlijke keuze
- Een afweging die het bevoegd gezag bewust maakte. Een keuze is geen fout.
- Na realisatie niet openbaar controleerbaar
- Na de bouw is in de geraadpleegde openbare bronnen niet na te gaan hoe dit is uitgewerkt.
- Analyse Leefbaar Stegeren
- Onze lezing van de stukken; geen zelfstandig vastgesteld feit.
- Vraag voor Ondersloot
- Een vraag die bij de beoordeling van Ondersloot beantwoord moet worden.
1. Waarom De Veenwieken relevant is
- Wanneer Ondersloot 3 wordt gerealiseerd, zullen bewoners in delen van het omliggende gebied zowel Windpark De Veenwieken als de nieuwe turbines kunnen ervaren. Daarom moet de gezamenlijke belasting vooraf per woning en buurtschap worden onderzocht.
- De Veenwieken is relevant als eerder doorlopen windenergieprocedure en als praktijkervaring na realisatie.
Zie voor de ligging de officiële locatiekaart op de pagina Stegeren, omgeving & landschap.
Drie soorten informatie op deze pagina
- Onderzoek en voorspellingen vóór de bouw — NRD, MER, notities en berekeningen (onderdelen 6 en 7).
- Beoordelingen en besluiten van bevoegd gezag en rechter— adviezen van de Commissie mer, vastgestelde plannen, vergunningen en de uitspraak van de Raad van State (onderdelen 3, 4 en 8).
- Metingen, klachten en ervaringen na ingebruikname — projectberichten, het TNO-onderzoek en meldingen (onderdelen 9 en 10).
Overzicht van rapporten en hun betekenis
| Bron | Wat de bron beoordeelde | Wat er niet uit volgt |
|---|---|---|
| Pondera-quickscan Ommen, 2023 | Technisch-ruimtelijke mogelijkheden en potentiële zoekgebieden | Geen beoordeling van de gevolgen van vier voorziene turbines met een tiphoogte tot 280 meter |
| MER De Veenwieken, 2015/2016 | Verwachte milieueffecten van De Veenwieken vóór de bouw | Geen bewijs dat in de praktijk geen hinder optreedt en geen beoordeling van Ondersloot 3 |
| Commissie mer, 7 juni 2016 | Of het aangevulde MER voldoende informatie voor besluitvorming bevatte | Geen conclusie dat alle gevolgen gering of onschadelijk waren |
| Raad van State, 20 december 2017 | Juridische houdbaarheid van de besluiten | Geen zelfstandig gezondheidsonderzoek en geen bewijs dat negatieve effecten ontbreken |
| Pondera-notitie toerisme, 2016 | Korte verkenning op basis van algemene literatuur | Geen lokale nulmeting en geen uitsluiting van lokale recreatieve of economische effecten |
| Brongeluidmeting De Veenwieken, 2020 | Aangekondigde meting van het technische brongeluid; meetrapport niet openbaar gevonden | Geen volledig onderzoek naar hinder, slaap, laagfrequent geluid of cumulatie bij woningen |
| TNO, 2022 | Ervaringen van bewoners na realisatie | Geen bewijs van causaliteit, maar wel relevante praktijkinformatie over gemelde nadelige effecten |
Pondera-quickscan Ommen, 2023
- Wat is beoordeeld?
- Technisch-ruimtelijke mogelijkheden en potentiële zoekgebieden
- Wat volgt daar niet uit?
- Geen beoordeling van de gevolgen van vier voorziene turbines met een tiphoogte tot 280 meter
MER De Veenwieken, 2015/2016
- Wat is beoordeeld?
- Verwachte milieueffecten van De Veenwieken vóór de bouw
- Wat volgt daar niet uit?
- Geen bewijs dat in de praktijk geen hinder optreedt en geen beoordeling van Ondersloot 3
Commissie mer, 7 juni 2016
- Wat is beoordeeld?
- Of het aangevulde MER voldoende informatie voor besluitvorming bevatte
- Wat volgt daar niet uit?
- Geen conclusie dat alle gevolgen gering of onschadelijk waren
Raad van State, 20 december 2017
- Wat is beoordeeld?
- Juridische houdbaarheid van de besluiten
- Wat volgt daar niet uit?
- Geen zelfstandig gezondheidsonderzoek en geen bewijs dat negatieve effecten ontbreken
Pondera-notitie toerisme, 2016
- Wat is beoordeeld?
- Korte verkenning op basis van algemene literatuur
- Wat volgt daar niet uit?
- Geen lokale nulmeting en geen uitsluiting van lokale recreatieve of economische effecten
Brongeluidmeting De Veenwieken, 2020
- Wat is beoordeeld?
- Aangekondigde meting van het technische brongeluid; meetrapport niet openbaar gevonden
- Wat volgt daar niet uit?
- Geen volledig onderzoek naar hinder, slaap, laagfrequent geluid of cumulatie bij woningen
TNO, 2022
- Wat is beoordeeld?
- Ervaringen van bewoners na realisatie
- Wat volgt daar niet uit?
- Geen bewijs van causaliteit, maar wel relevante praktijkinformatie over gemelde nadelige effecten
Geen van deze bronnen toont aan dat Ondersloot 3 geen of weinig negatieve gevolgen zal hebben. Eerdere onderzoeken en besluiten laten zien welke onderwerpen destijds zijn beoordeeld, maar vervangen geen nieuw en projectspecifiek onderzoek naar vier voorziene turbines met een tiphoogte tot 280 meter naast het bestaande Windpark De Veenwieken.
2. Kerngegevens
| Aantal turbines | 10 — vijf in de gemeente Ommen en vijf in de gemeente HardenbergBron: Projectwebsite (opent in een nieuw tabblad) |
|---|---|
| Hoogte | Ashoogte 98 m, rotordiameter 103 m, tiphoogte 149,5 mBron: Projectwebsite, veelgestelde vragen (opent in een nieuw tabblad) |
| Geïnstalleerd vermogen | 23,5 MW (volgens de initiatiefnemers)Bron: Update omgevingsbijdrage (opent in een nieuw tabblad) |
| Ligging | Tussen Van Rooijens Hoofdwijk, de Verlengde Zestiende Wijk, de N36, de Schapendijk en het Ommerkanaal, aan de zuidkant van DedemsvaartBron: Projectwebsite, veelgestelde vragen (opent in een nieuw tabblad) |
| Ruimtelijke plannen | Bestemmingsplan gemeente Hardenberg (26 september 2016) voor vijf turbines in Hardenberg; provinciaal inpassingsplan (28 september 2016) voor vijf turbines in OmmenBron: Stcrt. 2016, 53717 (opent in een nieuw tabblad); Stcrt. 2016, 54197 (opent in een nieuw tabblad) |
| Omgevingsvergunningen | Twee vergunningen die de gemeentegrens niet volgen: Hardenberg voor zes turbines van De Wieken BV, de provincie voor vier turbines van Raedthuys Windenergie BV. Zie onderdeel 4.Bron: Stcrt. 2016, 53717 (opent in een nieuw tabblad); Stcrt. 2016, 54197 (opent in een nieuw tabblad) |
| Initiatiefnemers | In de mer-stukken: De Wieken BV en Raedthuys Windenergie BV. Volgens de huidige projectwebsite: De Wieken en Pure Energie.Bron: Commissie mer, toetsingsadvies 7 juni 2016, §1 (opent in een nieuw tabblad) |
| Voorbereiding | 2013 (instemming met het verzoek) tot 20 december 2017 (onherroepelijk)Bron: Projectwebsite, Geschiedenis windpark (opent in een nieuw tabblad) |
| Bouw en ingebruikname | Bouw vanaf 2019; eerste turbines eind 2019 in gebruik; alle turbines volledig vanaf begin 2020Bron: Projectwebsite, Geschiedenis windpark (opent in een nieuw tabblad) |
| Relatie met Ondersloot | In de onmiddellijke nabijheid van het gebied waar vier turbines van Ondersloot 3 zijn voorzien (zie de inleiding). De onderlinge afstanden tot de mogelijke turbineposities van Ondersloot zijn nog niet openbaar vastgesteld.Bron: Stegeren, omgeving & landschap |
3. Korte tijdlijn Windpark De Veenwieken
Alleen gebeurtenissen waarvoor een openbare bron beschikbaar is. Bij elke regel staat de bron.
Bekijk voor de uitgebreide chronologie de volledige tijdlijn van Windpark De Veenwieken.
Fase 1 — NRD en eerste inspraak
2013
Provinciale Staten van Overijssel en de gemeenteraad van Hardenberg stemmen in met het verzoek om medewerking aan tien windturbines.
Bron: Projectwebsite, Geschiedenis windpark (opent in een nieuw tabblad)
19 mei 2014
Pondera stelt de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) op.
Bron: Commissie mer, advies 18 juli 2014, lijst betrokken documenten (opent in een nieuw tabblad)
10 juni 2014
Aankondiging van de start van de procedure in de Staatscourant.
Bron: Commissie mer, advies 18 juli 2014, procedurele gegevens (opent in een nieuw tabblad)
11 juni – 23 juli 2014
Terinzagelegging van de informatie over het voornemen.
Bron: Commissie mer, advies 18 juli 2014, procedurele gegevens (opent in een nieuw tabblad)
18 juli 2014
De Commissie mer brengt haar advies over reikwijdte en detailniveau uit.
Bron: Commissie mer, rapportnummer 2957-18 (opent in een nieuw tabblad)
Fase 2 — MER, planvorming en vergunningen
3 juli 2015
Het milieueffectrapport (MER) van Pondera Consult (projectnummer 714068) is gedateerd.
Bron: Commissie mer, voorlopig toetsingsadvies, voetnoot 2 (opent in een nieuw tabblad)
25 november 2015 – 5 januari 2016
Het MER ligt ter inzage (kennisgeving op 24 november 2015).
Bron: Commissie mer, voorlopig toetsingsadvies, procedurele gegevens (opent in een nieuw tabblad)
24 februari 2016
Voorlopig toetsingsadvies: de Commissie mer signaleert essentiële tekortkomingen.
Bron: Commissie mer, voorlopig toetsingsadvies (opent in een nieuw tabblad)
7 juni 2016
Toetsingsadvies na aanvulling: het aangevulde MER bevat volgens de Commissie de essentiële informatie om een besluit te nemen.
Wat dit wel en niet betekent: Wat deze conclusie wel en niet betekent, staat in onderdeel 8 (Adviezen van de Commissie mer).
Bron: Commissie mer, toetsingsadvies (opent in een nieuw tabblad)
26 september 2016
De gemeenteraad van Hardenberg stelt het bestemmingsplan ‘Buitengebied Hardenberg, Windpark De Veenwieken’ vast (besluit nr. 1991402; NL.IMRO.0160.0000BP00257-VG01). Het plan maakt vijf turbines op Hardenbergs grondgebied mogelijk. Het college van Hardenberg verleent De Wieken BV een omgevingsvergunning voor zes turbines: vier in Hardenberg en twee in Ommen.
Bron: Staatscourant 2016, 53717 (opent in een nieuw tabblad)
28 september 2016
Provinciale Staten stellen het inpassingsplan ‘Windpark De Veenwieken’ vast voor het Ommense deel (kenmerk PS/2016/782; NL.IMRO.9923.ipVeenwiekenOmmen-va01), voor vijf turbines met een maximale tiphoogte van 149,99 meter. De provincie nam de planologische besluitvorming over omdat gemeente Ommen geen medewerking wenste te verlenen aan windenergie op haar grondgebied. Gedeputeerde Staten verlenen Raedthuys Windenergie BV een omgevingsvergunning voor vier turbines: drie in Ommen en één in Hardenberg.
Bron: Staatscourant 2016, 54197 (opent in een nieuw tabblad); Raad van State, 20 december 2017, overweging 1 (opent in een nieuw tabblad)
Fase 3 — Beroep en definitieve besluitvorming
20 december 2017
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verklaart de beroepen tegen het inpassingsplan, het bestemmingsplan en de vergunningen ongegrond. Het college van B en W van Ommen was een van de appellanten. De besluiten worden daarmee onherroepelijk.
Wat dit wel en niet betekent: Dat de besluiten juridisch in stand bleven, is geen zelfstandig wetenschappelijk oordeel dat negatieve gevolgen ontbreken. De rechter beoordeelde de rechtmatigheid en onderbouwing van de toenmalige besluiten.
Begin december 2018
Windunie, Greenchoice en het ABN AMRO Energy Transition Fund nemen een belang van 100% in De Wieken BV.
Bron: Projectwebsite, Geschiedenis windpark (opent in een nieuw tabblad)
Fase 4 — Bouw, ingebruikname en ervaringen na realisatie
2019
De bouw van de windturbines begint.
Bron: Projectwebsite, Geschiedenis windpark (opent in een nieuw tabblad)
20 december 2019
Volgens de initiatiefnemers zijn alle tien turbines gebouwd; zes leveren dan elektriciteit aan het net.
Bron: Projectwebsite, nieuwsbericht (opent in een nieuw tabblad)
Begin 2020
Volgens de initiatiefnemers draaien alle turbines volledig.
Bron: Projectwebsite, Geschiedenis windpark (opent in een nieuw tabblad)
23 april 2020
De initiatiefnemers melden dat bij alle turbines de instellingen voor geluid en slagschaduw zijn ingeschakeld en dat de bouwfase formeel is afgerond. In de testfase waren deze instellingen niet ingeschakeld.
Bron: Projectwebsite, nieuwsbericht (opent in een nieuw tabblad)
7 mei 2020
Aankondiging van een brongeluidmeting bij twee turbines op 11 en 12 mei 2020, in opdracht van de turbineleverancier.
Wat dit wel en niet betekent: Een technische meting van het brongeluid is niet hetzelfde als onderzoek naar ervaren hinder, slaapverstoring, laagfrequent of tonaal geluid en de totale belasting bij woningen.
Bron: Projectwebsite, nieuwsbericht (opent in een nieuw tabblad)
30 maart 2022
TNO publiceert onderzoek naar ervaringen van omwonenden bij vier windparken, waaronder De Veenwieken.
22 januari 2025
De initiatiefnemers schrijven dat de plannen bij de gemeenten Hardenberg en Ommen om het omgevingsgeld te besteden nog niet in uitvoering zijn.
Bron: Projectwebsite, Update omgevingsbijdrage (opent in een nieuw tabblad)
4. Opvallende verdeling van bevoegdheden
Ruimtelijk is De Veenwieken één park met vijf turbines in Ommen en vijf in Hardenberg. De twee omgevingsvergunningen volgen die gemeentegrens niet, zoals de tabel laat zien.
| Vergunninghouder | Turbines | In Hardenberg | In Ommen | Verleend door |
|---|---|---|---|---|
| De Wieken BV | 6 | 4 | 2 | B&W Hardenberg |
| Raedthuys Windenergie BV | 4 | 1 | 3 | GS Overijssel |
| Totaal | 10 | 5 | 5 | Twee afzonderlijke vergunningen |
B&W = college van burgemeester en wethouders; GS = Gedeputeerde Staten. Bronnen: Staatscourant 2016, 53717 (opent in een nieuw tabblad); Staatscourant 2016, 54197 (opent in een nieuw tabblad); Raad van State, 20 december 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3504 (opent in een nieuw tabblad)
Waarom twee vergunningen?
De vergunningen waren gekoppeld aan twee initiatiefnemers. De Raad van State accepteerde dat de zes turbines van De Wieken BV en de vier turbines van Raedthuys Windenergie BV juridisch als twee afzonderlijke inrichtingen werden behandeld.
Volgens de Raad van State was geen sprake van dezelfde onderneming en bestonden onvoldoende technische, organisatorische en functionele bindingen om alle tien turbines als één inrichting aan te merken. Ruimtelijk en in het gezamenlijke MER werden de turbines wel als één windpark beschouwd. De Raad van State liet beide vergunningen in stand.
Bron: Raad van State, 20 december 2017, overwegingen 39 tot en met 39.2 (opent in een nieuw tabblad)
Deze verdeling is juridisch in stand gebleven, maar wel opvallend: ongebruikelijk voor bewoners en moeilijk te doorzien. Dat heeft praktische en bestuurlijke gevolgen.
Moeilijk herkenbaar voor bewoners
Een bewoner kan aan de plaats van een turbine niet zien onder welke vergunning zij valt en welke overheid formeel verantwoordelijk is. Zelfs de gemeentegrens geeft geen betrouwbaar antwoord. Een turbine op grondgebied van Ommen kan onder de door Hardenberg verleende vergunning vallen.
Beperkte formele rol voor gemeente Ommen
Gemeente Ommen verleende geen vergunning voor de vijf turbines op haar grondgebied en stelde daarvoor ook niet het ruimtelijke plan vast. Ommen kon wel de belangen van inwoners behartigen, bestuurlijk overleggen en rechtsmiddelen gebruiken. Het college van Ommen heeft ook beroep ingesteld tegen de besluiten. Ommen kon echter niet zelfstandig de betreffende vergunningvoorschriften vaststellen of wijzigen.
Verdeelde toezicht- en handhavingsverantwoordelijkheid
De bestuurlijke verantwoordelijkheid is daadwerkelijk over twee vergunningensporen verdeeld. Daardoor moet bij een klacht eerst worden vastgesteld onder welke vergunning en welk bevoegd gezag de betreffende turbine valt. Dit maakt een centraal, openbaar en navolgbaar klachtenprotocol voor bewoners noodzakelijk. Een omgevingsdienst kan meldingen registreren en onderzoek en toezicht uitvoeren, maar de bestuurlijke bevoegdheid blijft bij het bestuursorgaan dat de vergunning verleende.
Eén park, maar juridisch twee inrichtingen
Dat sprake is van twee vergunningen betekent niet dat gezamenlijke milieugevolgen mogen worden genegeerd. Het MER onderzocht het windpark als geheel en ook cumulatieve effecten kwamen in de ruimtelijke besluitvorming aan de orde. Bij klachten en handhaving kan de juridische scheiding echter wel tot versnippering leiden.
5. Inspraak en zienswijzen
Eén zienswijze als te laat aangemerkt
Volgens de Nota van beantwoording lag de concept-NRD vanaf 11 juni 2014 zes weken ter inzage. Er kwamen één overlegreactie (GGD IJsselland) en 25 zienswijzen binnen, waarvan 20 unieke. Eén zienswijze is buiten de inzagetermijn ingediend.
De Nota van beantwoording kwalificeert zienswijze nummer 23 als te laat. Volgens de reactie van het bevoegd gezag eindigde de termijn op 22 juli 2014. De zienswijze was gedateerd op 23 juli 2014 en werd op 30 juli ontvangen bij de Bestuursdienst Ommen-Hardenberg. Het bevoegd gezag besloot de zienswijze desondanks inhoudelijk te behandelen.
De indieners zijn in de Nota geanonimiseerd. De openbare Nota koppelt zienswijze nummer 23 niet aan gemeente Ommen. Er is daarom geen grond om te schrijven dat gemeente Ommen haar zienswijze te laat indiende.
Tegenstrijdigheid over de einddatum
In de proceduregegevens bij het advies van de Commissie mer staat echter dat de informatie van 11 juni tot en met 23 juli 2014 ter inzage lag. De documenten binnen hetzelfde dossier noemen daarmee niet dezelfde einddatum.
Bronnen: Commissie mer, advies 18 juli 2014, procedurele gegevens (opent in een nieuw tabblad); dezelfde gegevens staan in de NRD (PDF-pagina 60)
Wat de Commissie mer wel en niet had ontvangen
In haar advies van 18 juli 2014 schrijft de Commissie mer dat zij “geen zienswijzen of adviezen via bevoegd gezag ontvangen” heeft. Dat betekent niet dat er geen zienswijzen waren ingediend.
Het advies van de Commissie mer werd op 18 juli 2014 uitgebracht, terwijl de openbare stukken als einde van de inzageperiode 22 of 23 juli noemen. De Commissie beschikte bij het uitbrengen van haar advies dus niet over de later in de Nota van beantwoording behandelde zienswijzen. Uit de openbare stukken blijkt niet waarom de reeds ontvangen reacties niet tussentijds aan de Commissie waren toegezonden.
Bij de toetsing van het MER in 2016 nam de Commissie wel kennis van de zienswijzen die zij tot en met 13 januari 2016 had ontvangen, onder meer van Plaatselijk Belang Arrien en Stegeren/Junne.
Bronnen: advies reikwijdte en detailniveau, bijlage 1 (opent in een nieuw tabblad); voorlopig toetsingsadvies, voetnoot 10 en bijlage 1 (opent in een nieuw tabblad)
Waarom dit voor Ondersloot belangrijk is
Overheden, bewoners en organisaties moeten tijdig kunnen zien welke termijnen gelden, welke reacties zijn ontvangen en hoe die zijn behandeld. Dat geldt ook voor een eventuele NRD-procedure en een MER voor Ondersloot.
6. Wat vooraf al werd gesignaleerd — en wat daarvan terechtkwam
Dit onderdeel is gebaseerd op de “Nota van beantwoording inspraak en overleg — Voorontwerpbestemmingsplan, -inpassingsplan en MER Windpark De Veenwieken” van Pondera Consult, definitief 22 april 2016, projectnummer 714068. Het gaat om reacties op de voorontwerpplannen en het MER, die vanaf 25 november 2015 zes weken ter inzage lagen. Het gaat dus niet om de latere formele zienswijzen op de ontwerpbesluiten. De nota behandelt 38 inspraakreacties en twee overlegreacties (GGD IJsselland en Rijksvastgoedbedrijf), thematisch verdeeld over 78 punten. De indieners zijn in de nota geanonimiseerd, met uitzondering van organisaties die zelf worden genoemd.
Waarom deze nota relevant is voor Ondersloot
De problemen die na de bouw zichtbaar werden, kwamen niet uit de lucht vallen. In de inspraaknota van 2016 vroegen gemeente Ommen, plaatselijke belangen en omwonenden al aandacht voor recreatie, cumulatieve geluidbelasting, toezicht, klachtenafhandeling, zeggenschap en het beheer van omgevingsgeld. Veel antwoorden verwezen naar wettelijke normen of toekomstige uitwerking. Na de bouw blijken verschillende van deze onderwerpen nog steeds niet volledig openbaar controleerbaar. Dat maakt de nota relevant voor Ondersloot: niet alleen als geschiedenis, maar als waarschuwing welke afspraken vooraf concreet en toetsbaar moeten worden vastgelegd.
Elk onderwerp hieronder volgt dezelfde opbouw: wat werd aangevoerd, wat was het antwoord, wat werd aangepast, wat is na de bouw openbaar controleerbaar en wat is de les voor Ondersloot. Een bestuurlijke keuze of een onvolledig antwoord is daarbij geen fout.
6.1 Gemeente Ommen: recreatie, toerisme en leefomgeving
Wat werd aangevoerd en wat was het antwoord?
- Gemeente Ommen vond windturbines in of in de directe nabijheid van Ommen ongewenst.
- Ommen wees op aantasting van de omgevingskwaliteit, de leefbaarheid en de aantrekkelijkheid van Ommen als recreatief-toeristische toplocatie in het Vechtdal.
- Provincie en Hardenberg verwezen naar het aangewezen zoekgebied, eerdere landschapsstudies en de beperkte zichtbaarheid vanuit Ommen en het Vechtdal. Provincie en Hardenberg stelden destijds, mede onder verwijzing naar algemene onderzoeken en landschapsbeoordelingen, dat zij geen aanwijzingen zagen voor negatieve effecten op recreatie en toerisme. Dit was hun bestuurlijke beoordeling; het was geen lokale meting na realisatie.
- Aanpassing: nee.
Wat gebeurde daarna?
Na de inspraak liet het bevoegd gezag een korte “Verkenning Windpark De Veenwieken en toerisme” opstellen (Pondera Consult, 1 augustus 2016). Ommen voerde het onderwerp later aan bij de Raad van State en stelde dat in die notitie geen aandacht was besteed aan de lokale omstandigheden. De Afdeling zag geen specifieke omstandigheden die twijfel gaven aan de bevindingen van de notitie; het betoog faalde.
Onze lezing
Het antwoord in de inspraaknota bevat geen herkenbare locatiespecifieke analyse van de toeristische en recreatieve betekenis van Ommen en het Vechtdal. Dat de rechter het bezwaar later niet volgde, is een juridisch oordeel over dit plan. Het is geen bewijs dat recreatie en toerisme bij Ondersloot geen eigen onderzoek nodig hebben.
Les voor Ondersloot
Onderzoek afzonderlijk de gevolgen voor recreatie, toerisme, rust, landschapsbeleving, routes, verblijfsaccommodaties en het Vechtdal, inclusief de gezamenlijke zicht- en geluidbelasting met De Veenwieken.
6.2 Gemeente Ommen en omwonenden: afstanden en lokale keuzevrijheid
Wat werd aangevoerd en wat was het antwoord?
- Insprekers wezen op een onderlinge afstand van circa 300 meter (noord-zuid) tussen turbines, terwijl in de NRD vijf maal de rotordiameter werd genoemd.
- Zij noemden woningen op circa 350 meter, 102 woningen binnen 500 meter en 254 woningen op 500 tot 1.500 meter, en stelden dat de locatie daardoor niet geschikt was.
- Het antwoord: vijf maal de rotordiameter is een indicatieve afstand; niet de afstand, maar de geluidbelasting en slagschaduw op woningen zijn bepalend. De woning op 350 meter is volgens de nota betrokken bij het initiatief.
- Aanpassing: deels — alleen de toelichting over veiligheid in het MER (paragraaf 11.3.1).
- Uit de nummering in de nota volgt dat het verzoek om gemeenten zelf te laten kiezen tussen wind, zon, aardwarmte en andere bronnen deel uitmaakte van inspraakreactie 4 van gemeente Ommen. Het werd “voor kennisgeving aangenomen”.
Lokale keuzevrijheid
Het verzoek over lokale keuzevrijheid tussen energiebronnen werd voor kennisgeving aangenomen en niet inhoudelijk beantwoord.
Onze lezing
Het antwoord legt uit waarom de genoemde afstand geen harde wettelijke grens was. Het gaat nauwelijks in op de achterliggende vraag of deze locatie geschikt was gezien de concentratie woningen in de omgeving.
Les voor Ondersloot
Laat meerdere afstands- en opstellingsvarianten vergelijken en toon per variant het aantal woningen, de geluidbelasting, slagschaduw, gezondheid, landschap en cumulatie.
6.3 Draagvlak was ondergeschikt aan de taakstelling
Wat werd aangevoerd en wat was het antwoord?
- Bewoners stelden dat er weinig draagvlak was en dat het MER voor gewone bewoners moeilijk te doorgronden was.
- Het antwoord: “Draagvlak is zeker een belangrijke factor, maar ondergeschikt aan de taakstelling om windenergie in Nederland, de provincie Overijssel en de gemeente Hardenberg te realiseren.”
- In antwoord op een ander punt werden gesprekken van de initiatiefnemers in de buurt, een informatiemarkt (8 april 2015), een inloopavond (2 december 2015) en een excursie (8 september 2015) genoemd als momenten waarop omwonenden werden gehoord en geïnformeerd.
Bestuurlijke afweging
Het bevoegd gezag gaf de realisatie van windenergie voorrang boven lokaal draagvlak. Dat is een bestuurlijke keuze en geen fout.
Onze lezing
Er was participatie in de vorm van informeren en raadplegen. Uit de beantwoording blijkt niet dat de fundamentele locatiekeuze afhankelijk werd gemaakt van lokaal draagvlak. Informeren, raadplegen en aantoonbare invloed zijn verschillende dingen.
Les voor Ondersloot
De provincie geeft per reactie openbaar aan wat is gevraagd, wat wordt overgenomen, wat concreet wordt aangepast en waarom iets niet wordt aangepast.
6.4 Klachten, toezicht en waarborgcommissie waren vooraf al onderwerp
Wat werd aangevoerd en wat was het antwoord?
Bewoners vroegen vóór de vergunningverlening om:
- een verplichte waarborgcommissie met bewoners, exploitanten en overheid;
- het recht om gegevens over geluid en slagschaduw op te vragen;
- de mogelijkheid om onderzoek naar klachten te laten doen;
- de mogelijkheid om bij zwaarwegende overtredingen turbines stil te leggen;
- een toezichthoudend orgaan waar inwoners met klachten terechtkunnen.
Het antwoord erkende dat “er inderdaad een goede waarborg” moest komen, maar liet open of dat via een commissie of op andere wijze zou gebeuren. Verder werd verwezen naar het wettelijke recht om na ingebruikname een handhavingsverzoek in te dienen. Aanpassing: nee.
Wat is na de bouw openbaar controleerbaar?
- Er kwam later een waarborgcommissie, die vooral tijdens de bouw en de eerste periode functioneerde (zie onderdeel 12).
- Niet openbaar vastgesteld is dat de commissie nu nog actief is als formeel klachtenloket.
- Er is geen integraal openbaar klachtenregister voor alle tien turbines aangetroffen.
- De bevoegdheid is verdeeld over Hardenberg en de provincie Overijssel (zie onderdeel 4).
Dit betekent niet dat klachten niet zijn behandeld. Zonder integraal openbaar register is niet controleerbaar hoeveel meldingen zijn gedaan, hoe ze zijn onderzocht en welke maatregelen volgden.
Les voor Ondersloot
Leg vóór vergunningverlening één klachtenprotocol vast met centrale registratie, registratienummers, de betrokken turbine, bedrijfs- en weersgegevens, de verantwoordelijke instantie, een reactietermijn, een meetprotocol, publicatie van resultaten en beoordeling van patronen en cumulatie.
6.5 Cumulatieve geluidbelasting werd erkend en aanvaard
Wat werd aangevoerd en wat was het antwoord?
- Een inspreker wees erop dat de berekende cumulatieve geluidbelasting bij toetspunt 26 volgens het akoestisch onderzoek zou stijgen van 40 naar 52 dB. Over de ligging van toetspunt 26: zie onderdeel 7.
- Beide waarden zijn berekende cumulatieve geluidbelastingen uit het akoestisch onderzoek, geen gemeten waarden en geen vastgestelde normoverschrijding. Het bevoegd gezag bevestigde de berekende cumulatieve geluidbelasting van 52 dB.
- Volgens het antwoord geldt de wettelijke norm alleen voor windturbines zelf; voor de cumulatieve geluidbelasting gold geen afzonderlijke norm.
- De verslechtering werd “inherent aan het realiseren van een windpark in een relatief stille agrarische omgeving” en acceptabel genoemd vanwege het belang van het windpark.
- Aanpassing: nee.
Bestuurlijke afweging
De berekening werd niet betwist. Het bevoegd gezag woog naleving van de afzonderlijke windturbinenorm zwaarder, hoewel een verslechtering van de totale geluidsomgeving werd erkend. Dat is een bestuurlijke beoordeling, geen rekenfout.
Les voor Ondersloot
Publiceer de achtergrondbelasting, de bijdrage van De Veenwieken, de bijdrage van Ondersloot, de gezamenlijke belasting, de verandering ten opzichte van de huidige situatie, aantallen woningen per categorie en de gevolgen voor hinder en slaap.
6.6 Plaatselijke belangen, KGO en financiële participatie
Wat werd aangevoerd en wat was het antwoord?
Plaatselijk Belang Arriën en Plaatselijk Belang Stegeren–Junne:
- vroegen wie als omwonende zou gelden;
- vonden betrokkenheid én bevoegdheid van plaatselijke belangen bij beheer en besteding van KGO-gelden noodzakelijk;
- wilden pas meewerken nadat definitief was besloten, zodat overleg over geld niet als instemming met het windpark werd uitgelegd;
- wilden eerst de werkelijk getroffen omwonenden betrekken;
- vroegen of participatie via obligaties, winddelen of een andere vorm zou plaatsvinden.
Het antwoord was steeds dat de invulling “afgestemd zal worden met de Plaatselijke Belangen”. Aanpassing: nee.
Geen concrete afspraken
Het antwoord beloofde afstemming, maar legde geen criteria, bevoegdheden, bedragen, termijnen of verantwoordingsregels vast.
Een inspreker noemde jaarlijks €45.000 gedurende tien jaar
- In punt 11 van de inspraaknota stelt een inspreker dat gedurende tien jaar jaarlijks €45.000 beschikbaar zou zijn om in het gebied of de omgeving te investeren.
- De inspreker vond tien jaar te kort en pleitte voor €25.000 per jaar gedurende twintig jaar of langer, in een speciaal fonds met criteria gericht op versterking van natuur en landschap.
- Het bevoegd gezag antwoordde: “Vermoedelijk wordt hier gedoeld op de KGO-gelden”.
- Daarmee bevestigde het bevoegd gezag het bedrag van €45.000 per jaar niet expliciet.
- De reactie vermeldde alleen dat gemeente en provincie nog met omwonenden over de besteding zouden spreken en werkateliers wilden organiseren.
- Het voorstel leidde niet tot aanpassing.
Berekening: €45.000 per jaar × 10 jaar = €450.000.
Beperking: dit bedrag werd door een inspreker genoemd en niet door het bevoegd gezag bevestigd. Uit de nota blijkt niet dat deze €450.000 is toegezegd, gestort of beschikbaar gekomen.
Bron: Nota van beantwoording inspraak en overleg, punt 11 (PDF-pagina 14) (opent in een nieuw tabblad)
Voorbeeldberekening uit 2016 (geen gestort bedrag)
- De initiatiefnemers verwezen naar de Gedragscode Participatie Wind op Land (40 tot 50 cent per MWh) en stelden het maximum van 50 cent per MWh beschikbaar.
- Als voorbeeld werd gerekend met tien turbines van het type Enercon E92, circa 6.000 MWh per turbine per jaar en vijftien jaar: circa €450.000.
- Volgens de nota zou een deel voor KGO worden bestemd; het resterende deel was nog niet bestemd en omwonenden zouden later om hun mening worden gevraagd.
Dit is uitsluitend een voorbeeldberekening van het bevoegd gezag uit 2016. Ze staat los van het bedrag van €45.000 per jaar dat een inspreker in punt 11 noemde; de twee bedragen van circa €450.000 zijn geen één regeling en worden hier niet bij elkaar opgeteld. Het bedrag is niet aangetoond als gestort en moet niet worden opgeteld bij de jaarlijkse bijdrage van €1.500 per MW, de provinciale €100.000 of andere bedragen in onderdeel 12.
Openstaande vragen
- Gaan deze twee passages over dezelfde, overlappende of verschillende financiële afspraken? Uit de nota blijkt dat niet duidelijk. Ook is niet duidelijk hoe deze bedragen zich verhouden tot de later genoemde bijdrage van €1.500 per geïnstalleerde MW per jaar, de provinciale €100.000 en de niet-benutte financiële participatie.
- Is de regeling van 50 cent per MWh later vervangen door een andere regeling?
- Hoe verhoudt dit bedrag zich tot €1.500 per geïnstalleerde MW per jaar?
- Welk deel was voor KGO bedoeld?
- Welk deel bleef beschikbaar voor andere participatie?
- Wat gebeurde met het resterende bedrag?
- Wat gebeurde met de middelen toen voor Windvangers en obligaties onvoldoende belangstelling bleek?
- Zijn niet-benutte participatiemiddelen teruggevloeid of voor maatschappelijke doelen beschikbaar gebleven?
Onze lezing van de geldstromen
Al in 2016 werden verschillende bedragen en participatievormen genoemd zonder dat in deze nota één samenhangend financieel overzicht werd gegeven. Dat maakt het achteraf moeilijk vast te stellen welke regeling is voortgezet, vervangen of samengevoegd. Voor Ondersloot moeten alle geldstromen, looptijden, beheerders en bestedingsregels vooraf in één openbaar overzicht worden vastgelegd.
Les voor Ondersloot
Leg vooraf vast wie als omwonende geldt, welk bedrag wordt gestort, wie het fonds beheert, welke zeggenschap bewoners hebben, welke criteria gelden, wanneer verantwoording wordt afgelegd en wat er met niet-bestede middelen gebeurt.
6.7 Technische kritiek van BOLDOR
Wat werd aangevoerd?
BOLDOR plaatste onder meer kanttekeningen bij:
- verschillende opbrengstcijfers;
- verschillende referentieturbines bij de berekeningen van geluid, slagschaduw en opbrengst;
- productie vóór en na mitigatie;
- ontbrekende Lnight-cijfers in de aanvullende notitie;
- niet-openbare fabrikantgegevens over brongeluid;
- afronding nabij de geluidsnorm;
- de beoordeling van alternatief 4;
- ontbrekende berekeningen voor een turbinekeuze die zonder geluidsmitigatie aan de norm voldoet.
Enkele onduidelijkheden werden erkend en gecorrigeerd, zoals een typefout in de turbineaanduiding (E101). Veel verzoeken werden afgewezen omdat de wettelijke methode was gevolgd of omdat de conclusies volgens het bevoegd gezag niet veranderden.
Wat de Commissie mer later vond
De Commissie mer constateerde in haar voorlopig toetsingsadvies essentiële tekortkomingen in onder meer de navolgbaarheid van de alternatievenvergelijking, landschap, mitigatie en veiligheid. Na aanvulling oordeelde zij dat voldoende essentiële informatie beschikbaar was om een besluit te nemen (zie onderdeel 8).
Onze lezing
Het zwakke punt is niet dat iedere berekening bewezen onjuist was. Het probleem is dat verschillende invoergegevens, referentieturbines en vormen van mitigatie de vergelijking moeilijk navolgbaar maakten. BOLDOR heeft niet bewezen dat alle berekeningen fout waren.
Les voor Ondersloot
Vraag om één openbare vergelijkingstabel met voor ieder alternatief gelijke uitgangspunten, Lden en Lnight, bruto- en netto-opbrengst, mitigatieverlies, aantallen woningen, cumulatie en alle gebruikte invoergegevens.
7. Van NRD tot praktijk: wat gebeurde met de waarschuwingen?
Veel zorgen rond De Veenwieken ontstonden niet pas na de bouw. Geluid, cumulatie, toezicht, klachtenbehandeling, recreatie, draagvlak en zeggenschap over omgevingsgelden werden al vóór de vergunningverlening genoemd. De reacties van het bevoegd gezag bestonden vaak uit een verwijzing naar later onderzoek, wettelijke normen, algemene handhavingsmogelijkheden of toekomstige gesprekken met omwonenden. Juridisch bleken de uiteindelijke besluiten houdbaar. De vraag is echter ook wat daadwerkelijk werd aangepast, uitgevoerd en na de bouw openbaar controleerbaar is.
Beantwoord is niet hetzelfde als opgelost
Een zienswijze kan formeel zijn beantwoord zonder dat het gesignaleerde risico wordt weggenomen, zonder dat het plan verandert en zonder dat later controleerbaar wordt wat met een toezegging is gebeurd.
7.A Drie formele fasen
Er zijn drie verschillende documenten, elk uit een eigen fase. Ze worden hieronder steeds bij hun eigen naam genoemd.
| Fase en document | Wat er gebeurde |
|---|---|
| 2014 — concept-NRD Nota van beantwoording zienswijzen bij de definitieve NRD (14 november 2014) |
|
| 2015–2016 — MER en voorontwerpplannen Nota van beantwoording inspraak en overleg (22 april 2016) |
Bron: Nota van beantwoording inspraak en overleg, 22 april 2016 (opent in een nieuw tabblad) |
| 2016 — ontwerpplannen en ontwerpvergunningen Nota van beantwoording zienswijzen ontwerpbestemmingsplan en omgevingsvergunning (1 augustus 2016) |
Bronnen: Staatscourant 2016, 53717 (opent in een nieuw tabblad); Staatscourant 2016, 54197 (opent in een nieuw tabblad); Raad van State, 20 december 2017, overweging 12.1 (opent in een nieuw tabblad) |
Beperking van de bron
De afzonderlijke PDF is niet opgenomen in de geraadpleegde openbare planbijlagen. Het bestaan, de datum en de functie van de nota van 1 augustus 2016 worden rechtstreeks bevestigd door Staatscourant 2016, 53717, Staatscourant 2016, 54197 en Raad van State, overweging 12.1. Wat hier over de fase van 2016 staat, is daarom afgeleid uit die stukken. De afzonderlijke zienswijzen uit deze nota zijn niet rechtstreeks gecontroleerd.
7.B Klachten, toezicht en handhaving
Wat werd gevraagd en geantwoord?
- In de NRD-fase (2014) vroegen indieners om concrete maatregelen, om duidelijkheid over de wijze van handhaving en om te vermelden welke mogelijkheden omwonenden hebben om overtredingen aanhangig te maken.
- Het antwoord maakte onderscheid tussen milieueffectonderzoek en handhaving: een handhavingskader is “geen onderwerp van MER”; bij een overtreding kan een beroep worden gedaan op de gangbare wettelijke handhavingsmogelijkheden. Bij overlast kan het bevoegd gezag (provincie Overijssel of gemeente Hardenberg) worden verzocht na te gaan of aan de vergunningvoorschriften wordt voldaan.
- In april 2016 werd gevraagd om een toezichthoudend orgaan. Het antwoord verwees naar de waarborgcommissie (zie 6.4).
Bronnen: NRD 2014, Nota van beantwoording, tabel 3.1 punt 2 (PDF-pagina 77) en punt 49 (PDF-pagina 88) (opent in een nieuw tabblad); Nota van beantwoording inspraak en overleg, punten 56 en 58 (opent in een nieuw tabblad)
Wat is na de bouw controleerbaar?
Het verzoek om een toezichthoudend orgaan werd in de inspraaknota beantwoord met een verwijzing naar de waarborgcommissie. Uit de gecontroleerde openbare stukken blijkt niet dat deze commissie voor de exploitatiefase is aangewezen als centraal klachtenloket voor alle tien turbines. Ook blijkt uit de gecontroleerde stukken niet van één gezamenlijk openbaar klachtenregister van de exploitanten en bevoegde instanties.
Dit betekent niet dat klachten niet zijn behandeld. Het betekent dat aantallen, verdeling, opvolging en uitkomsten niet vanuit één openbaar overzicht controleerbaar zijn. Zie ook onderdeel 10.
Les voor Ondersloot
Wijs vóór vergunningverlening één herkenbaar loket aan, laat klachten ongeacht het formele bevoegd gezag gezamenlijk registreren en publiceer periodiek aantallen, aard, opvolging, metingen en maatregelen.
7.C Geluid en cumulatie
Van vraag naar uitspraak
- Cumulatief geluid werd al in de NRD-fase genoemd. Het antwoord was dat cumulatie in het MER zou worden onderzocht.
- Dat gebeurde. Een afzonderlijke wettelijke norm voor de totale cumulatieve geluidbelasting bestond niet; beoordeeld werd met de methode-Miedema.
- In tabel 14.12 van het MER stijgt de berekende cumulatieve geluidbelasting bij toetspunt 3 van 37 naar 56 dB en bij toetspunt 26 van 40 naar 52 dB. De uitspraak van de Raad van State duidt toetspunt 26 aan als gelegen te Dedemsvaart, maar noemt geen adres. Zonder controle van het volledige MER koppelen wij dit toetspunt niet aan een specifieke woning of aan Ommerkanaal.
- Het gaat om berekeningen van vóór de bouw volgens de methode-Miedema, waarin het windpark samen met andere omgevingsbronnen is beschouwd. Het betreft niet uitsluitend windturbinegeluid en geen gemeten waarden na ingebruikname. De Raad van State stelde hiermee geen algemene gezondheidskundige grens vast, maar beoordeelde of de bevoegde bestuursorganen de berekende verslechtering in deze concrete besluitvorming aanvaardbaar mochten vinden.
- De uitspraak noemt berekende cumulatieve waarden van 37 naar 56 dB bij toetspunt 3 en van 40 naar 52 dB bij toetspunt 26. Zij noemt de eenheid bij deze afzonderlijke waarden alleen als dB. In de uitleg van de methode-Miedema worden de klassen in dB Lden weergegeven. Welke andere geluidbronnen in tabel 14.12 van het MER precies zijn meegerekend, is voor deze controle niet vastgesteld.
- De verslechtering werd bestuurlijk en juridisch aanvaard, mede omdat de wettelijke geluidnormen voor windturbines bij de nabije woningen werden gehaald en een verslechtering “inherent” werd geacht aan een windpark in een relatief stille agrarische omgeving.
- De uitspraak noemt de twee woningen niet bij adres; het gaat om twee voorbeelden uit tabel 14.12 van het MER. Getoetst werd of de wettelijke geluidnormen voor windturbines werden gehaald en of de toename van de cumulatieve geluidbelasting, beoordeeld met de methode-Miedema, in de besluitvorming aanvaardbaar kon worden geacht. Het ging om berekeningen vóór de bouw.
Dit oordeel betrof de toenmalige berekeningen, normen, woningen en turbineopstelling van De Veenwieken. Het is geen algemene gezondheidskundige conclusie en zegt niets over de extra belasting van Ondersloot 3.
Bronnen: NRD 2014, Nota van beantwoording, punten 42 en 43 (PDF-pagina 86) (opent in een nieuw tabblad); Raad van State, 20 december 2017, overwegingen 26.3–26.4 (opent in een nieuw tabblad)
Onderzocht betekent niet dat het plan wordt aangepast
Het voorbeeld laat zien dat een aanzienlijk ongunstige uitkomst uit een MER niet automatisch tot wijziging of afwijzing leidt. Daarvoor moeten vooraf bestuurlijke beoordelingscriteria en gevolgen worden vastgelegd.
Les voor Ondersloot
- beoordeel cumulatie met De Veenwieken per woning;
- vergelijk de nieuwe situatie met de bestaande stille omgeving;
- beoordeel de gezamenlijke zicht- en geluidbelasting per woning en buurtschap;
- maak controleerbaar of en waar woningen binnen twee kilometer aan meer dan één zijde door windturbines kunnen worden ingesloten (motie M4);
- leg vooraf vast welke uitkomst leidt tot aanpassing van locatie, aantal, hoogte of bedrijfsvoering.
7.D Recreatie en toerisme
De proceslijn
- Gemeente Ommen vroeg aandacht voor de gevolgen voor recreatie, toerisme, landschap en leefomgeving.
- In april 2016 werd geantwoord dat het MER niet zou worden aangepast.
- Omdat de zorg in de zienswijzen op de ontwerpplannen werd herhaald, werd alsnog de notitie “Verkenning Windpark De Veenwieken en toerisme” van 1 augustus 2016 opgesteld.
- De notitie telt drie pagina’s en steunt op twee eerdere literatuuronderzoeken die zijn opgesteld voor Windpark Fryslân (ETFI en ZKA, 2014).
- De notitie gebruikte algemene literatuur en bevatte geen lokale nulmeting van bezoekersaantallen, overnachtingen, omzet of landschapsbeleving in Ommen en het Vechtdal. De conclusie uit deze korte verkenning kan daarom niet als bewijs worden gebruikt dat plaatselijke recreatieve of economische effecten ontbreken.
- De notitie concludeert dat de relatie tussen windturbines en toerisme moeilijk te voorspellen is en dat onderzoek bij gerealiseerde windparken geen waarneembare negatieve effecten laat zien.
- Ommen voerde bij de Raad van State aan dat onvoldoende aandacht was besteed aan lokale omstandigheden.
- De Raad van State zag in wat Ommen aanvoerde geen specifieke omstandigheden die aanleiding gaven om aan de notitie te twijfelen.
Bronnen: Nota van beantwoording inspraak en overleg, punt 3 (PDF-pagina’s 9–10) (opent in een nieuw tabblad); Pondera Consult, Verkenning Windpark De Veenwieken en toerisme, 1 augustus 2016 (opent in een nieuw tabblad); Raad van State, overwegingen 16–16.1 (opent in een nieuw tabblad)
Wat de uitspraak wel en niet zegt
De uitspraak stelt niet vast dat De Veenwieken geen lokaal recreatief effect heeft gehad. Zij stelt vast dat onvoldoende specifiek was onderbouwd waarom de situatie in Ommen zou afwijken van de algemene onderzoeken.
Les voor Ondersloot
- maak vooraf een lokale nulmeting;
- breng campings, verblijfsrecreatie, fiets- en wandelroutes, zichtlijnen en landschapsbeleving in kaart;
- bepaal vooraf hoe na realisatie wordt gemonitord;
- vervang lokaal onderzoek niet door uitsluitend algemene literatuur.
7.E Draagvlak en invloed
Wat de stukken zeggen
- In 2014 werd gevraagd rekening te houden met lokaal draagvlak. Het antwoord: draagvlak is geen milieuonderwerp en wordt niet in het MER onderzocht; een participatieplan zou worden uitgewerkt.
- In de inspraaknota van april 2016 werd draagvlak “ondergeschikt” genoemd aan de taakstelling voor windenergie (zie 6.3).
- De Raad van State oordeelde dat de enkele omstandigheid dat geen draagvlak zou bestaan, geen grondslag kan vormen voor het oordeel dat de plannen niet strekken tot een goede ruimtelijke ordening.
Bronnen: NRD 2014, Nota van beantwoording, tabel 3.2 punt 10 (PDF-pagina 79) (opent in een nieuw tabblad); Nota van beantwoording inspraak en overleg, punt 15 (opent in een nieuw tabblad); Raad van State, overweging 13–13.1 (opent in een nieuw tabblad)
Informeren, raadplegen, invloed
Informeren, raadplegen en aantoonbare invloed op besluiten zijn verschillende dingen. Uit de stukken blijkt vooral informeren en raadplegen.
Les voor Ondersloot
Laat per participatiemoment zien welke inbreng is ontvangen, welke keuzes nog openstonden en welke concrete wijzigingen door de inbreng zijn aangebracht.
7.F KGO, participatie en latere uitwerking
De proceslijn
- Bewoners vroegen vooraf om duidelijke criteria, langdurige gebiedsversterking, onafhankelijk beheer en zeggenschap (zie 6.6).
- Bij de besluitvorming stelden raad en Provinciale Staten dat over de exacte invulling van de KGO later in overleg met omwonenden zou worden besloten.
- De Raad van State vermeldt dat in de bij de planvaststelling aangenomen moties bedragen zijn genoemd die naar verwachting beschikbaar komen voor de KGO.
- Voor financiële participatie via Windvangers en obligaties bleek onder omwonenden onvoldoende belangstelling.
Bronnen: Raad van State, overwegingen 14.2–14.3 (opent in een nieuw tabblad); Rekenkamer Oost-Nederland, PDF-pagina 42 (opent in een nieuw tabblad)
Na realisatie
De totale geldstroom, storting, besteding en resterende verplichting zijn niet vanuit één volledig openbaar overzicht te controleren. De bedragen en bronnen staan in onderdeel 12: Waarborgcommissie, KGO en financiële participatie.
Les voor Ondersloot
Leg vóór vergunningverlening vast: bedrag, berekeningsgrondslag, looptijd, stortingsmomenten, beheer, zeggenschap, bestedingscriteria, openbare jaarverantwoording en wat met niet-bestede middelen gebeurt.
7.G Bevoegd gezag en gevolgen voor bewoners
Wie verleende welke vergunning?
- Voor de tien turbines zijn twee omgevingsvergunningen verleend: één door het college van burgemeester en wethouders van Hardenberg voor zes turbines en één door Gedeputeerde Staten van Overijssel voor vier turbines.
- Ommen is voor geen van deze twee vergunningen bevoegd gezag, hoewel vijf van de tien turbines op het grondgebied van Ommen staan.
- Twee turbines uit de Hardenbergse vergunning staan op grondgebied van Ommen; één turbine uit de provinciale vergunning staat in Hardenberg (zie onderdeel 4).
- De juridische verklaring is dat sprake is van twee afzonderlijke inrichtingen van twee ondernemingen. De gemeentegrens bepaalt daardoor niet automatisch wie de omgevingsvergunning verleent.
- Volgens de Raad van State waren er onvoldoende technische, organisatorische en functionele bindingen om de tien turbines als één inrichting te behandelen.
Bronnen: Raad van State, overwegingen 39–39.2 (opent in een nieuw tabblad); zie ook onderdeel 4
Praktische gevolgen
- bewoners moeten weten onder welke vergunning en exploitant een turbine valt;
- klachten en handhavingsverzoeken kunnen bij verschillende instanties terechtkomen;
- metingen, toezicht en openbaarmaking kunnen versnipperd raken;
- cumulatieve hinder wordt door bewoners als één situatie ervaren, ook wanneer het juridisch om twee inrichtingen gaat.
Les voor Ondersloot
Publiceer vooraf één overzicht van turbines, exploitanten, vergunningen, bevoegde gezagen, toezichthouders, klachtenroutes en handhavingsroutes. Regel daarnaast één gezamenlijke voordeur voor bewoners.
7.H Wat veranderde daadwerkelijk?
Vijf categorieën helpen om te zien hoe ver een zorg is gekomen. Ze mogen niet door elkaar worden gebruikt: een beantwoorde zorg is niet automatisch onderzocht, en een onderzochte zorg heeft niet automatisch tot aanpassing geleid.
- Gesignaleerd — het onderwerp stond in een reactie of zienswijze.
- Beantwoord — het bevoegd gezag gaf een formele reactie.
- Onderzocht — er kwam een MER, berekening of aanvullende notitie.
- Aangepast — plan, regels, vergunning of onderzoek werd inhoudelijk gewijzigd.
- Na realisatie controleerbaar — uitvoering, monitoring en resultaten zijn openbaar terug te vinden.
7.I Slot: lessen voor Ondersloot
De belangrijkste les
De belangrijkste les is niet alleen dat zienswijzen moeten worden beantwoord. Vooraf moet ook duidelijk zijn welke keuzes nog openstaan, welke onderzoeksuitkomsten tot aanpassing leiden, wie na vergunningverlening verantwoordelijk is en hoe bewoners kunnen controleren wat met toezeggingen, klachten, metingen en omgevingsgelden gebeurt.
- zienswijzen tijdig aan de Commissie mer sturen;
- per punt aangeven: overgenomen, gedeeltelijk overgenomen of niet overgenomen;
- besliscriteria vóór het onderzoek vastleggen;
- lokale recreatieve nulmeting;
- cumulatie en gezamenlijke zicht- en geluidbelasting per woning;
- één klachtenloket en één gezamenlijk klachtenregister;
- vooraf vastgelegde nul- en controlemetingen;
- openbaar overzicht van verantwoordelijkheden;
- volledige financiële afspraken en jaarlijkse verantwoording;
- openbaar toezeggingenregister van toezegging tot uitvoering.
8. Adviezen van de Commissie mer
De Commissie mer bracht drie afzonderlijke adviezen uit. Ze gaan over verschillende stappen en moeten apart worden gelezen.
Advies over reikwijdte en detailniveau (18 juli 2014)
De Commissie adviseerde onder meer:
- verschillende opstellingen en alternatieven te onderzoeken;
- ook naar maximale energieopbrengst te kijken;
- zowel het projectgebied (project-MER) als het ruimere zoekgebied (plan-MER) te beoordelen;
- landschap en leefomgeving navolgbaar te vergelijken.
Bron: Commissie mer, rapportnummer 2957-18, hoofdstuk 1–3 (opent in een nieuw tabblad)
Voorlopig toetsingsadvies (24 februari 2016)
De Commissie vond dat het MER waardevolle informatie bevatte, met name over natuur, maar zag tekortkomingen in onder meer:
- de navolgbaarheid van de vergelijking van locaties;
- de beoordeling van enkele alternatieven;
- de beoordeling van landschap en leefomgeving;
- het meenemen van mitigerende maatregelen in de vergelijking;
- de onderbouwing van veiligheid bij relatief kleine afstanden tussen turbines.
Bron: Commissie mer, voorlopig toetsingsadvies, §1 en §2 (opent in een nieuw tabblad)
Toetsingsadvies na aanvulling (7 juni 2016)
Na aanvulling van het MER concludeerde de Commissie dat het aangevulde milieueffectrapport de essentiële informatie bevat om een besluit te kunnen nemen over Windpark De Veenwieken.
Bron: Commissie mer, toetsingsadvies, §1 (opent in een nieuw tabblad)
Wat deze conclusie wel en niet betekent
De conclusie dat het aangevulde MER voldoende essentiële informatie bevatte om een besluit te nemen, betekent niet dat geen negatieve effecten werden verwacht, dat alle gevolgen gering waren of dat inwoners na realisatie geen hinder zouden ervaren. De conclusie geldt voor De Veenwieken en niet voor vier voorziene turbines met een tiphoogte tot 280 meter bij Ondersloot 3 of voor de gezamenlijke belasting van beide parken.
9. Onderzoek en ervaringen na realisatie (TNO)
Dit onderdeel gaat over onderzoek en ervaringen ná de ingebruikname: wat omwonenden zelf opmerkten en als overlast of nadelig effect meldden. Het bewijst niet dat de turbines ieder gemeld effect hebben veroorzaakt.
Wie werden bevraagd
- 472 respondenten rond De Veenwieken na de toegepaste uitsluitingen;
- 429 van hen woonden er al vóór de bouw, 43 kwamen er na de bouw wonen;
- voor de deelanalyse werden 405 eerdere bewoners gebruikt;
- 149 van hen merkten op dat moment iets van het windpark;
- 105 van deze 149 noemden overlast of een ander nadelig effect.
Door respondenten genoemde effecten
| Genoemd effect | Aantal keer genoemd |
|---|---|
| Verandering van de horizon | 91 |
| Geluid | 53 |
| Natuur en omgeving | 53 |
| Slagschaduw | 24 |
| Financiële gevolgen | 17 |
| Gezondheid | 13 |
| Veiligheid | 4 |
| Overige effecten | 10 |
- Respondenten konden meerdere antwoorden geven.
- De aantallen mogen daarom niet bij elkaar worden opgeteld tot een totaal aantal personen.
- Dit zijn gemelde ervaringen uit een onderzoek.
- Dit is geen formeel klachtenregister.
- TNO stelt hiermee geen wettelijke normoverschrijding vast.
- TNO stelt hiermee geen medisch causaal verband vast.
Bron: TNO 2022 P10127, tabel 6 (p. 34), rijen Veenwieken (opent in een nieuw tabblad)
Wat TNO uit interviews optekende
Volgens het TNO-rapport uitten bewoners na de realisatie onbegrip over de wettelijke normen voor afstand, slagschaduw en geluid. Een aantal bewoners gaf aan stress te ervaren en zich niet gehoord te voelen. Dit zijn ervaringen van geïnterviewden, geen vastgestelde gevolgen.
Bron: TNO 2022 P10127, §4.2.4.2 (p. 58) (opent in een nieuw tabblad)
Let op: de passage in het TNO-rapport over “honderden klachten” en gemeten waarden van 70 tot 80 dB gaat over Windpark Spui (§4.2.3) en niet over De Veenwieken.
10. Waar kunnen omwonenden nu terecht?
Voor zover binnen de geraadpleegde openbare bronnen is vastgesteld, bestaat er geen speciaal, gezamenlijk klachtenloket voor Windpark De Veenwieken waarin de exploitanten, gemeente Hardenberg, gemeente Ommen en provincie Overijssel alle meldingen over de tien turbines centraal registreren, aan de juiste vergunning koppelen, gezamenlijk onderzoeken en openbaar verantwoorden.
Er bestaat wel een algemeen regionaal Meldpunt Milieu bij Omgevingsdienst IJsselland. Dat meldpunt kan milieuklachten registreren, behandelen of doorzetten naar het verantwoordelijke bestuursorgaan. Dit is echter geen afzonderlijk, openbaar klachtenregister voor De Veenwieken.
A. Formele milieumelding
Omgevingsdienst IJsselland
- Online melden (opent in een nieuw tabblad)
- Telefoon: 088 525 10 50
- E-mail: meldpunt@odijsselland.nl
- Bron: homepage Omgevingsdienst IJsselland (opent in een nieuw tabblad)
Vraag om een ontvangstbevestiging, een registratienummer, de identificatie van de vermoedelijke turbine en de naam van het verantwoordelijke bestuursorgaan.
B. Melding bij de exploitant
Windpark De Veenwieken
- E-mail: info@windparkdeveenwieken.nl
- Telefoon: 030 207 22 09
- Bron: projectwebsite (opent in een nieuw tabblad)
Een melding bij de exploitant kan helpen om snel te onderzoeken welke turbine in bedrijf was en of een technische of operationele maatregel mogelijk is. Een melding bij de exploitant vervangt niet automatisch een formele milieumelding.
C. Provinciaal milieuloket
Overijssel Loket
- Telefoon: 038 499 88 99
- Kies 3 voor een milieuklacht of spoedmelding
- Voor milieuklachten en spoedmeldingen altijd bereikbaar; overige openingstijden werkdagen 08.30–17.00 uur
- Bron: Overijssel Loket (opent in een nieuw tabblad)
- Online melden (opent in een nieuw tabblad)
Het Overijssel Loket kan een klacht registreren of doorgeven aan de juiste instantie.
Bij hinder is het verstandig dezelfde gebeurtenis zowel bij de exploitant als bij Omgevingsdienst IJsselland te melden. Zo is de melding bij de beheerder bekend en bestaat daarnaast een onafhankelijke registratie.
Melding of handhavingsverzoek?
Er zijn vier verschillende routes, met een verschillende juridische betekenis:
- een melding bij de exploitant: informeert de beheerder; geen formele registratie door een overheid;
- een milieumelding bij de omgevingsdienst: wordt onafhankelijk geregistreerd en kan aanleiding zijn voor onderzoek of toezicht;
- een klacht bij een overheid: gaat over de manier waarop een bestuursorgaan of ambtenaar heeft gehandeld;
- een formeel handhavingsverzoek: een verzoek aan het bevoegd gezag om tegen een vermoedelijke overtreding op te treden, waarop een besluit moet volgen.
Een milieumelding is niet automatisch een formeel verzoek om handhaving. Wie als belanghebbende vermoedt dat een regel of vergunningvoorschrift wordt overtreden en een formeel besluit verlangt, kan een verzoek om handhaving indienen. Door de twee vergunningen moet eerst worden vastgesteld onder welke vergunning de betreffende turbine valt.
Vraag bij twijfel aan Omgevingsdienst IJsselland:
- welke turbine vermoedelijk betrokken is;
- onder welke vergunning deze turbine valt;
- welk bestuursorgaan het handhavingsverzoek moet behandelen.
Voor het provinciale spoor: handhavingsverzoek indienen bij provincie Overijssel (opent in een nieuw tabblad). Dit is algemene informatie en geen juridisch advies; of iemand als belanghebbende wordt aangemerkt, beoordeelt het bestuursorgaan.
11. Drie journalistieke bronnen
De onderstaande samenvattingen geven weer wat betrokkenen volgens de artikelen zeggen. Het zijn journalistieke verslaggeving en standpunten of ervaringen van betrokkenen, geen technisch bewezen conclusies.
De Toren, 13 april 2021 — “Voor Stegeren is de maat vol”
Volgens het artikel zijn inwoners van Stegeren niet tegen duurzame energie, maar is er geen draagvlak meer voor nieuwe plannen van Pure Energie voor een zonnepark bij de meest zuidelijke turbines. Bewoners noemen slagschaduw, lawaai en horizonvervuiling sinds de komst van de N36 en de turbines van De Veenwieken.
Binnenlands Bestuur, 30 juli 2021 — “Ommen wil geen Veenwieken II”
Wethouder Bart Jaspers Faijer spreekt in het artikel van het “PIP-gevoel”: het provinciale inpassingsplan heeft volgens hem in Ommen voor veel frustratie gezorgd, en iedere partij in de raad wil een herhaling voorkomen. Raadslid Gerrit de Jonge (VOV) noemt zijn partij faliekant tegen een nieuw windpark als De Veenwieken. Het artikel vermeldt dat het park in 2019 in gebruik werd genomen.
Lees het artikel bij Binnenlands Bestuur (opent in een nieuw tabblad)
OmmenCity, 22 april 2025 — “Stegeren blijft strijden tegen windmolens ondanks uitstel plannen”
Volgens het artikel verzetten bewoners van Stegeren zich tegen de mogelijke komst van nieuwe windturbines. Initiatiefnemer van de stichting, Leo Veldhuis, stelt dat de plannen voor De Veenwieken in 2019 volgens Stegernaren onvoldoende werden gecommuniceerd. De bezwaren richten zich volgens het artikel niet principieel tegen windenergie, maar tegen cumulatie; slagschaduw en geluid van de bestaande turbines worden door bewoners als storend ervaren.
12. Waarborgcommissie, KGO en financiële participatie
De waarborgcommissie en drie afzonderlijke geldstromen. Het gaat niet om één “waarborgfonds”.
Waarborgcommissie
De waarborgcommissie was een overleg- en aanspreekpunt. Volgens de initiatiefnemers was zij tijdens de bouwfase ingericht voor structureel contact tussen overheden, vertegenwoordigers van de omgeving en initiatiefnemers. Volgens TNO bestond zij uit omwonenden, de initiatiefnemers, beide gemeenten en de provincie, en vervulde zij vooral tijdens de bouw haar rol.
De waarborgcommissie was tijdens de bouw en de eerste periode een aanspreekpunt voor bewoners en probeerde meldingen zoveel mogelijk informeel af te handelen. Binnen de geraadpleegde openbare bronnen is niet vastgesteld dat deze commissie momenteel nog actief is, nieuwe klachten registreert of als formeel klachtenloket functioneert.
Bronnen: Projectwebsite, Omgeving & participatie (opent in een nieuw tabblad); TNO 2022 P10127, §4.2.4.1 (p. 58) (opent in een nieuw tabblad); Rekenkamer Oost-Nederland, augustus 2020, PDF-pagina 42 (opent in een nieuw tabblad)
A. Jaarlijkse bijdrage van de initiatiefnemers
- €1.500 per geïnstalleerde MW per jaar;
- gedurende tien jaar;
- totaal opgesteld vermogen volgens de initiatiefnemers: 23,5 MW.
De bijdrage valt onder de provinciale regeling Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving (KGO) en is bestemd voor investeringen in de omgeving. Het fonds wordt volgens de initiatiefnemers beheerd door de gemeenten Hardenberg en Ommen.
Bronnen: Update omgevingsbijdrage, 22 januari 2025 (opent in een nieuw tabblad); Rekenkamer Oost-Nederland, PDF-pagina 42 (opent in een nieuw tabblad)
Geen definitief totaalbedrag
De projectwebsite noemt €35.250 per jaar en €325.500 over tien jaar. Deze bedragen zijn rekenkundig niet verenigbaar, want tien maal €35.250 is €352.500. Wij nemen daarom geen totaalbedrag op.
B. Extra provinciale KGO-middelen
Bij de vaststelling van het inpassingsplan in september 2016 namen Provinciale Staten een motie aan om €100.000 extra uit KGO-middelen beschikbaar te stellen, om te kijken of een deel van de door omwonenden aangedragen knelpunten kon worden opgelost. Volgens de Rekenkamer Oost-Nederland was de besteding van deze middelen aan de bewoners.
Bron: Rekenkamer Oost-Nederland, augustus 2020, PDF-pagina 41 (opent in een nieuw tabblad)
C. Niet-benutte financiële participatie
Daarnaast boden initiatiefnemers financiële participatiemogelijkheden aan, waaronder Windvangers en obligaties. Daarvoor bleek onder omwonenden onvoldoende belangstelling. Vervolgens is gevraagd of de betreffende middelen voor maatschappelijke doelen, zoals een fiets- of wandelpad, mochten worden ingezet. Gedeputeerde Staten gingen daarmee akkoord. Volgens de initiatiefnemers is dit geld ter beschikking gesteld aan de gemeenten Hardenberg en Ommen.
Dit is niet automatisch hetzelfde geld als de jaarlijkse bijdrage (A), de provinciale €100.000 (B) of andere gemeentelijke of provinciale KGO-middelen.
Bronnen: Rekenkamer Oost-Nederland, PDF-pagina 42 (opent in een nieuw tabblad); Projectwebsite, Omgeving & participatie (opent in een nieuw tabblad)
Stand van de besteding
De geraadpleegde bronnen laten zien dat is gesproken over verschillende maatschappelijke bestedingen. TNO vermeldt dat eerste plannen, waaronder een fietspad en een bos, niet haalbaar bleken en dat voor andere plannen cofinanciering werd gezocht.
In de geraadpleegde openbare overheidsstukken is geen actueel financieel totaaloverzicht aangetroffen van ontvangen, gereserveerde, verplichte en daadwerkelijk bestede bedragen. Daardoor kan op basis van deze bronnen niet worden vastgesteld welk bedrag inmiddels is besteed en welk bedrag nog beschikbaar is.
Bron: TNO 2022 P10127, §4.2.4.2 (p. 58) (opent in een nieuw tabblad)
Exploitatieovereenkomst en opruimplicht
Provinciale Staten koppelden bij de afdoening van een toezegging over de opruimplicht een geredigeerde ‘Exploitatieovereenkomst Veenwieken’. In de officiële toelichting staat dat de initiatiefnemer volgens de anterieure overeenkomst moet zorgen dat voldoende geld beschikbaar is voor het opruimen van de turbines.
De volledige relevante bepalingen van de overeenkomst zijn voor deze pagina nog niet inhoudelijk gecontroleerd. Uit deze vermelding kunnen daarom geen conclusies worden getrokken over de precieze hoogte van de zekerheid, het moment waarop het geld beschikbaar moet zijn, het beheer daarvan of de KGO-bijdragen.
Toezegging 25 september 2024, afgedaan 2 oktober 2024. Bron: Provinciale Staten Overijssel, toezeggingenregister (opent in een nieuw tabblad) (zoek op “Opruimplicht windturbines”)
Openstaande vragen
- Hoeveel geld is sinds de ingebruikname ontvangen?
- Hoe is het geld verdeeld tussen Ommen en Hardenberg?
- Welke bestedingen zijn goedgekeurd?
- Welke projecten zijn daadwerkelijk uitgevoerd?
- Welk bedrag is nog beschikbaar?
- Welk totaalbedrag is contractueel overeengekomen en welk bedrag is daadwerkelijk gestort?
- Waar zijn de besluiten, jaaroverzichten en verantwoordingen openbaar te vinden?
13. Cumulatie en insluiting
Voor Ondersloot moet niet alleen ieder windpark afzonderlijk worden onderzocht. De gezamenlijke belasting moet per woning en per leefomgeving worden beoordeeld. Het gaat in ieder geval om:
- geluid van beide windparken;
- slagschaduw van beide windparken;
- obstakelverlichting;
- zicht op turbines vanuit verschillende richtingen;
- landschap en horizon;
- de N36 en andere bestaande belasting;
- rustmomenten en verschillen tussen dag, avond en nacht;
- gevolgen voor erven, buitenruimte en recreatie.
Insluiting
Of woningen of kernen tussen of naast verschillende turbineopstellingen komen te liggen, hangt af van de nog niet vastgestelde turbineposities. Of daarbij is voldaan aan een juridisch of beleidsmatig criterium, zoals ‘insluiting van woningen’ uit motie M4 of het provinciale criterium ‘insluiting van een kern’, is nog niet openbaar controleerbaar beantwoord. Daarmee is dus niet vastgesteld dat motie M4 is geschonden of dat het provinciale criterium ‘insluiting van een kern’ is vervuld.
De uitkomst en motivering van de provinciale kerntoets zijn in het openbaar gemaakte beoordelingsformulier zwartgelakt. Leefbaar Stegeren wijst zelf geen plaats of buurtschap als ingesloten aan. Voor de woningen in de omgeving moet de gezamenlijke belasting door geluid, slagschaduw, zicht en nachtelijke verlichting worden onderzocht; die cumulatie is breder dan insluiting en wordt afzonderlijk beoordeeld.
Kaart in voorbereiding
Onderzoeken met beperkte, gemengde of niet-eenduidige uitkomsten
Pondera-toerismenotitie 2016
- Wat is onderzocht?
- Korte verkenning op basis van twee literatuuronderzoeken voor Windpark Fryslân.
- Wat was de uitkomst?
- De notitie noemt een moeilijk voorspelbare relatie en geen waarneembare negatieve effecten in onderzoek bij gerealiseerde parken.
- Welke beperkingen gelden?
- Drie pagina’s algemene literatuur; geen lokale nulmeting van bezoek, overnachtingen, omzet of landschapsbeleving.
- Wat betekent dit wel en niet voor Ondersloot 3?
- De uitkomst blijft relevant maar sluit lokale effecten bij Ondersloot niet uit.
Lees de bronbespreking en onderbouwing
Raad van State: cumulatieve geluidbelasting
- Wat is onderzocht?
- Juridische beoordeling van de berekende verslechtering bij twee toetspunten.
- Wat was de uitkomst?
- De toenmalige bevoegde bestuursorganen mochten de berekende toename bestuurlijk aanvaardbaar achten.
- Welke beperkingen gelden?
- Juridisch-bestuurlijk oordeel over berekeningen vóór de bouw; geen meting, geen algemene gezondheidskundige grens en geen bewijs dat hinder ontbreekt.
- Wat betekent dit wel en niet voor Ondersloot 3?
- Het oordeel bepaalt niet de extra of gezamenlijke belasting bij Ondersloot 3.
Lees de bronbespreking en onderbouwing
Deze uitkomst is relevant voor een evenwichtige beoordeling, maar vormt geen projectspecifieke beoordeling van Ondersloot 3.
14. Lessen en toetsingspunten voor Ondersloot
- Onderzoek De Veenwieken en Ondersloot gezamenlijk en per woning.
- Publiceer uitgangspunten, invoergegevens en relevante rekenresultaten.
- Vergelijk werkelijk verschillende locaties en opstellingen.
- Neem mitigerende maatregelen direct mee in de alternatievenvergelijking.
- Leg vooraf vast waar meldingen en klachten worden geregistreerd.
- Rapporteer periodiek en openbaar over meldingen en de afhandeling daarvan.
- Maak financiële bijdragen, beheer, besluiten en bestedingen controleerbaar.
- Gebruik praktijkervaringen uit De Veenwieken bij het bepalen van de onderzoeksopzet.
- Breng de gezamenlijke zicht- en geluidbelasting van De Veenwieken en Ondersloot 3 per woning en buurtschap in beeld. Maak daarnaast controleerbaar of en waar woningen binnen twee kilometer aan meer dan één zijde door windturbines kunnen worden ingesloten, zoals Provinciale Staten met motie M4 hebben gevraagd.
- Zorg dat essentiële informatie beschikbaar is voordat een locatie- of voorkeursbesluit wordt genomen.
- Leg vóór vergunningverlening in één openbaar verantwoordelijkhedenschema vast:
- welke organisatie verantwoordelijk is voor iedere turbine;
- onder welke vergunning iedere turbine valt;
- waar bewoners alle klachten kunnen indienen;
- wie meldingen centraal registreert;
- wie technisch onderzoek uitvoert;
- welk bestuursorgaan formeel beslist;
- hoe klachten over meerdere turbines worden samengevoegd;
- hoe cumulatieve klachten over De Veenwieken en Ondersloot gezamenlijk worden beoordeeld;
- welke gegevens periodiek openbaar worden gemaakt.
Zie onderdeel 4 voor de verdeling van vergunningen, toezicht en handhaving bij De Veenwieken.
15. Wat nog niet openbaar duidelijk is
Voor de volgende informatie blijft openbaarmaking of een rechtstreeks controleerbare dossierverwijzing nodig. Dit overzicht stelt niet vast dat de informatie of de betrokken activiteiten niet bestaan.
- Een integraal klachtenregister voor De Veenwieken met per melding de datum, aard van de hinder, betrokken turbine, weers- en bedrijfsomstandigheden, onderzoek, reactie, eventuele overtreding en genomen maatregel. Deze vraag om een integraal openbaar overzicht zegt niet dat geen klachten zijn ingediend, onderzocht of afgehandeld.
- Een volledig openbaar overzicht van handhavingsbesluiten of sancties wegens geluid of slagschaduw bij De Veenwieken.
- Het meetrapport van de brongeluidmeting. De initiatiefnemer kondigde een brongeluidmeting aan voor 11 en 12 mei 2020. Het meetrapport en een eventuele beoordeling door het bevoegd gezag zijn in de gecontroleerde openbare bronnen niet gevonden. Daardoor zijn de meetmethode, omstandigheden, uitkomsten en conclusie niet openbaar controleerbaar.
- actuele inkomsten, verplichtingen en bestedingen van het KGO-fonds;
- verslagen en besluiten van de waarborgcommissie;
- gegevens over stilstandvoorzieningen voor geluid en slagschaduw (de initiatiefnemers meldden op 23 april 2020 alleen dat de instellingen zijn ingeschakeld).
Bronnen en documenten
29 bronnenToon alle bronnenVerberg bronnen
Windpark De Veenwieken (initiatiefnemers)
Update omgevingsbijdrage, 22 januari 2025
22 januari 2025 · projectdocument
Windpark De Veenwieken (initiatiefnemers)
Meting van brongeluid windmolens, 7 mei 2020
7 mei 2020 · projectdocument
Windpark De Veenwieken (initiatiefnemers)
Instellingen geluid en slagschaduw ingeschakeld, 23 april 2020
23 april 2020 · projectdocument
Windpark De Veenwieken (initiatiefnemers)
Alle windmolens zijn gebouwd, 20 december 2019
20 december 2019 · projectdocument
raadvanstate.nl
Raad van State, 20 december 2017, Windpark De Veenwieken, ECLI:NL:RVS:2017:3504, onder meer overwegingen 16, 16.1, 26.3 en 26.4.
2017 · rechterlijke uitspraak
Bron openen (opent in een nieuw tabblad)Alternatieve toegankelijke versie bij uitspraken.rechtspraak.nl (opent in een nieuw tabblad)
Provincie Overijssel
Gewijzigd vastgesteld inpassingsplan ‘Windpark De Veenwieken’ en omgevingsvergunning, gemeente Ommen — Staatscourant 2016, 54197
28 september 2016 · officiële bekendmaking
Gemeente Hardenberg
Gewijzigd vastgesteld bestemmingsplan ‘Buitengebied Hardenberg, Windpark De Veenwieken’ en omgevingsvergunning — Staatscourant 2016, 53717
26 september 2016 · officiële bekendmaking
De Wieken BV / Raedthuys Windenergie BV (vindplaats: Commissie m.e.r.)
Nota van beantwoording zienswijzen Notitie Reikwijdte en Detailniveau Windpark De Veenwieken — 14 november 2014 — project 714030
14 november 2014 · Nota van beantwoording · projectdocument
Windpark De Veenwieken (initiatiefnemers)
Veelgestelde vragen — Windpark De Veenwieken
geen publicatiedatum vermeld · Webpagina met veelgestelde vragen · bron van initiatiefnemer
Webpagina zonder zichtbare publicatiedatum; geraadpleegd op 10 september 2026.
Windpark De Veenwieken (initiatiefnemers)
Geschiedenis windpark — Windpark De Veenwieken
projectdocument
Windpark De Veenwieken (initiatiefnemers)
Het project — Windpark De Veenwieken (project- en contactinformatie)
projectdocument
Windpark De Veenwieken (initiatiefnemers)
Omgeving & participatie — Windpark De Veenwieken
projectdocument
Provinciale Staten van Overijssel
Toezeggingenregister Provinciale Staten — “Opruimplicht windturbines” (afgedaan 2 oktober 2024)
2024 · officiële toelichting
TNO
Onderzoek naar ervaringen van omwonenden van windturbines
2022-03 · Onderzoeksrapport · onderzoek in opdracht
PDF openen (opent in een nieuw tabblad)Alternatieve toegankelijke versie bij RVO (opent in een nieuw tabblad)
Rekenkamer Oost-Nederland
Rol provincie bij draagvlak voor hernieuwbare energie — Nota van bevindingen Overijssel, augustus 2020 (pdf)
augustus 2020 · officieel advies
Commissie voor de milieueffectrapportage
Windpark de Veenwieken, gemeente Hardenberg — Toetsingsadvies over het milieueffectrapport en de aanvulling daarop, 7 juni 2016, projectnummer 2957 (pdf)
7 juni 2016 · officiële toelichting
Commissie voor de milieueffectrapportage
Windpark de Veenwieken, gemeente Hardenberg — Voorlopig toetsingsadvies over het milieueffectrapport, 24 februari 2016, projectnummer 2957 (pdf)
24 februari 2016 · officiële toelichting
Pondera Consult, in opdracht van provincie Overijssel en gemeente Hardenberg
Nota van beantwoording inspraak en overleg — Voorontwerpbestemmingsplan, -inpassingsplan en MER Windpark De Veenwieken, definitief, projectnummer 714068 (pdf)
22 april 2016 · officiële toelichting
Pondera Consult, in opdracht van provincie Overijssel en gemeente Hardenberg
Verkenning Windpark De Veenwieken en toerisme, notitie, 1 augustus 2016 (pdf)
1 augustus 2016 · officiële toelichting
Commissie voor de milieueffectrapportage
Windpark De Veenwieken, gemeente Hardenberg — Advies over reikwijdte en detailniveau van het milieueffectrapport, 18 juli 2014, rapportnummer 2957–18 (pdf)
18 juli 2014 · officiële toelichting
Provincie Overijssel
Handhavingsverzoek omgevingsrecht indienen — Provincie Overijssel
officiële toelichting
Provincie Overijssel
Milieuklacht melden — Provincie Overijssel
officiële toelichting
Provincie Overijssel
Overijssel Loket — contact en bereikbaarheid
officiële toelichting
Commissie mer
Windpark De Veenwieken, gemeente Hardenberg — adviesdossier 2957
officiële toelichting
OmmenCity
Stegeren blijft strijden tegen windmolens ondanks uitstel plannen
22 april 2025 · journalistiek
Binnenlands Bestuur
Ommen wil geen Veenwieken II
30 juli 2021 · journalistiek
De Toren
Voor Stegeren is de maat vol
13 april 2021 · journalistiek
Omgevingsdienst IJsselland
Milieuklacht melden — Omgevingsdienst IJsselland
officiële toelichting
Omgevingsdienst IJsselland
Omgevingsdienst IJsselland — homepage (contact met het meldpunt)
bron van betrokken organisatie
Bekijk ook de rubrieken Projectspecifieke bronnen, Provincie Overijssel, Wetenschappelijk onderzoek, Rechtspraak, Journalistiek en Rijksoverheid en officiële instanties in het volledige bronnenregister. De bronnen van deze pagina staan in meerdere rubrieken.
